[zonder antwoorden]
van Moresprudentie.nl
&
uit Moresprudentie boekwerk
, Toetsvragen Moresprudentie – Hoofdstuk 1
1
Een reclasseringswerker is bang voor zijn agressieve cliënt. Hij probeert van alles te regelen om deze
cliënt tevreden te houden. Op welk niveau handelt de reclasseringswerker volgens de
ontwikkelingstheorie van Kohlberg?
Het conventionele niveau.
Het postconventionele niveau.
Het preconventionele niveau.
Het immorele niveau.
2
Een sociaal werker wordt opgeroepen om vroeghulp te geven aan een jongere die net in verzekering is
gesteld. Als hij de cel binnenstapt, zegt de jongen tegen hem: “Wij zijn vrienden.” De sociaal werker
vraagt zich af in hoeverre hij zich inderdaad als een vriend dient op te stellen. Om wat voor soort
moreel issue gaat het vooral in deze casus?
Zelfbeschikking versus welzijn.
Belangen van de cliënt versus belangen van de samenleving.
Gelijkheid, diversiteit en onderdrukking.
Beroepsrol.
3
Een sociaal werker begeleidt een cliënt die is verwikkeld in een conflictueuze echtscheiding. Hij heeft
al een paar keer te kennen gegeven de nieuwe vriend van zijn vrouw iets aan te doen. De cliënt lijkt
het conflict op de spits te willen drijven. Om wat voor een soort moreel issue gaat het vooral in deze
casus?
Zelfbeschikking versus welzijn.
Belangen van de cliënt versus belangen van de samenleving.
Gelijkheid, diversiteit en onderdrukking.
Beroepsrol.
, 4
Sabrina, een meisje van 14 jaar, vertelt aan de sociaal werker op school dat zij door haar stiefvader
wordt betast. Sabrina wil niet dat de sociaal werker ook maar iets hierover aan anderen doorvertelt. Na
het gesprek twijfelt de sociaal werker. Moet hij het AMK (Advies en Meldpunt voor
Kindermishandeling) inschakelen wat in strijd is met zijn geheimhoudingsplicht? Of moet hij niets
doen? Maar dan komt het welzijn en de gezondheid van Sabrina in gevaar. Hoe ervaart de sociaal
werker deze moreel relevante situatie?
Als een moreel issue.
Als een moreel dilemma.
Als een moreel probleem.
Als een methodisch probleem.
5
De filosoof Jan Verplaetse beschrijft een toekomstscenario van het Europese recht waarin begrippen
als „schuld‟ en „verantwoordelijkheid‟ niet worden gebruikt. Hij stelt: „Niemand draagt schuld voor
het verdienstelijke of het afschuwelijke. Welk meta-ethisch inzicht ligt ten grondslag aan een dergelijk
toekomstscenario?
Determinisme.
Indeterminisme.
Geen van beide.