Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Staatsrecht Periode 1 | Nederlandse Staat | InHolland | 2025/26

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
32
Geüpload op
18-06-2026
Geschreven in
2025/2026

Studienotities voor Staatsrecht periode 1 aan Hogeschool InHolland, gericht op de opleiding Sociaal Juridische Dienstverlening. Het document behandelt hoofdstuk 1 over de Nederlandse Staat en zijn bewoners, inclusief staatsdefiniëring, grondgebied, gemeenschap, staatsgezag, en de geschiedkundige ontwikkeling van het Koninkrijk der Nederlanden. Onderwerpen zijn onder meer Nederlandse nationaliteit en de rechtsgevolgen ervan, vreemdelingenrecht, visumregelingen, asielrecht, en grondrechten als begrenzing van overheidsmacht. Zeer nuttig voor tentamenvorbereiding en het begrijpen van de juridische basis van de Nederlandse staat.

Meer zien Lees minder

Voorbeeld van de inhoud

Staatsrecht periode 1:
Hoofdstuk 1 – De Nederlandse Staat en zijn bewoners
1.1 Staat: een gemeenschap van mensen op een bepaald grondgebied,
waarover een organisatie het hoogste gezag uitoefent. Zie hiernaast.
Grondgebied: het territorium waarbij er grenzen zijn.
Gemeenschap: de nationaliteit van de staat hebben gekregen.
hoogste gezag: De staat (overheid) heeft zeggenschap op en over zijn
gehele grondgebied. De staat mag geweldsmonopolie gebruiken, dit is
als er iets fout gaat en er moet geweld gebruikt worden.
Stukje geschiedenis: de basis van het Koninkrijk der Nederlanden is gelegd in 17de eeuw
(gouden eeuw) toen Nederland, net als andere Europese landen gebieden overal ter wereld
ging veroveren. Zo hadden we Nederlands-Indië, Suriname en zes eilanden van het toen
geheten Nederlandse Antillen: Aruba, Bonaire, Saba, Sint Eustatius en Sint Maarten. In 1945
en 1975 zijn Indonesië en Suriname onafhankelijke staten geworden. In 1986 Aruba ook, ze
wilde toch wel bij Nederland blijven horen. Op 15 december 2008 hebben Nederland en zijn
staatsrechtelijke partners een akkoord gesloten over nieuwe staatkundige verhouding binnen
het Koninkrijk der Nederlanden. De Nederlandse Antillen zijn op 10-10-2010 opgeheven.
Curaçao en Sintmaarten zijn zelfstandige staten binnen het Koninkrijk geworden. Bonaire,
Sint Eustatius en Saba (BES-eilanden) hebben de status gekregen van openbaar lichaam en
zijn een soort overzeese gemeente geworden.
Het Koninkrijk der Nederlanden bestaat dus uit: Aruba, Curaçao en Sint Maarten.


1.2 Burgers die tot Nederland behoren hebben een Nederlandse nationaliteit. Deze hebben
een aantal rechtsgevolgen:
1. Nederlanders hebben vrije toegang tot Nederland en mogen hier vrij verblijven.
2. Exterritoriale werking: het Nederlandse Wetboek van Strafrecht is ook (grotendeels) van
toepassing op Nederlanders die buiten het Nederlandse gebeid misdrijven plegen.
3. Nederlanders die in het buitenland gevangen worden genomen wordt door de overheid
geholpen tot een goede behandeling of dat ze hun straf ook in Nederland mogen uitzitten.
4. Nederlanders worden niet aan andere staten uitgeleverd.
5. Nederlanders hebben recht om te stemmen en om zelf gekozen te worden (passief
kiesrecht)
6. Sommige openbare functies kunnen alleen door Nederlanders worden uitgevoerd BV
burgemeester.
7. Kunnen aanspraak maken op voorzieningen, uitkeringen (bijstand, kinderbijslag)
Een vreemdeling heeft deze rechten niet. (iemand die de Nederlandse nationaliteit niet
bezit) Je kan op verschillende manieren de Nederlandse nationaliteit krijgen. Er zijn 3
manieren om Nederlander te worden: Automatisch door geboorte (als bij de geboorte 1 van
uw ouders Nederlander is), adoptie of erkenning en optie. De optieprocedure wordt
gedaan door een test een naturalisatietoets. Hierna moet iemand de verklaring van
verbondenheid doen. Omdat zijn eigen nationaliteit voor belemmeringen kan zorgen moet de
vreemdeling een afstandsplicht van zijn nationaliteit doen. Sommige mogen dit niet dus
krijgen ze een dubbele nationaliteit.


Voor een vreemdeling geldt het koppelingsbeginsel (uitgangspunt dat het recht op een
verstrekking of voorziening van de overheid is gekoppeld aan het rechtmatig verblijf). Met

,een visum verleent Nederland toestemming om een korte tijd in Nederland te verblijven
(max 3 maanden) Voor werk, studie of gezinshereniging moet de vreemdeling op een
Nederlandse ambassade een zogeheten machtiging tot voorlopig verblijf aanvragen. In
Nederland kan daarna een verblijfsvergunning regulier aanvragen. Voor vluchtelingen
moeten een verblijfsvergunning asiel aanvragen. Asielzoekers die op Schiphol aan komen
moeten in gevangenschap en moeten daarna de Nederlandse overheid afwachten in een
opvang centrum of asielzoekerscentrum. Er wordt alleen verblijfsvergunning verleend als:
- Als Nederland hiertoe verplicht is vanwege een verdrag zoals het
Vluchtelingenverdrag, op grond waarvan een asielzoeker als vluchteling wordt
aangemerkt:
- Als met de aanwezigheid van de vreemdeling een wezenlijke Nederlands belang is
gediend
- Als er klemmende redenen zijn van humanitaire aard, zoals ziekte of herenig met
kind of partner.
Vreemdelingen die zijn uitgeprocedeerd, verblijven illegaal in Nederland en kunnen worden
uitgezet. Er kan dus gebeuren dat iemand geen identiteitsbewijs bezit, het uitzetten is dan
een probleem als de staat waartoe zij behoren hen niet meer als staatsburger erkent. De
mensen komen dan terecht op straat of verblijven zonder uitzicht op een oplossing in een
Nederlands uitzetcentra.
De invloed van de overheid is niet absoluut maar wordt begrensd door fundamentele rechten
van burgers. De overheid moet deze mensenrecht, die grondrechten worden genoemd
respecteren en mag hierop alleen inbreuk maken als dit wettelijk bepaald is.
1.3 De rechtsregels die van het staatsgezag en de organisatie van de staat vastleggen
worden constitutie of staatsregeling genoemd. Constitutie is te vinden in de Grondwet, het
Statuur in verdragen en in gewoonterecht.
Organieke wet: Wet in formele zin die in opdracht van de grondwet tot stand komt.
Gewoonterecht: Recht dat is gebaseerd op een bepaald gebruik, dat een zekere tijd
voortduurt en waarvan men vindt dat het juridisch gezien zo hoort.
Jurisprudentie: Uitspraken van rechters waarin bestaande rechtsregels worden verduidelijkt
en toegepast in een concreet geval.
Rechtersrecht: Uitspraken van rechters waarin bestaande rechtsregels worden verduidelijkt
en toegepast in een concreet geval.

,Hoofdstuk 2 – Grondrechten in Nederland
2.1 grondrechten: Burgers zijn onderworpen aan het gezag van de overheid die hen
veiligheid, bescherming en zorg biedt. Daardoor leveren zij een deel van hun eigen vrijheid
in. In de middeleeuwen was dit absolute gehoorzaamheid van burgers aan hun landheren en
de kerk. Mensen hebben een bepaalde rechten die horen bij het mens zijn: mensenrechten.
Deze rechten worden ook wel grondrechten genoemd. We kunnen de grondrechten
onderverdelen in twee groepen: sociale grondrechten en klassieke grondrechten.
Klassieke grondrechten: waarborgen de vrijheden van
burgers die de overheid moet respecteren, waardoor voor
de burger een staatsvrije sfeer wordt gewaarborgd. Deze
worden ook wel waarborg normen en vrijheidsrechten
genoemd. Art 1 tot 18 zijn klassieke grondrechten.
Sociale grondrechten: een opdracht voor de overheid om
ervoor te zorgen dat er sociale gerechtigheid heerst in de
samenleving en dat iedere burger kan beschikken over
voldoende gezondheidszorg, onderwijs en inkomen zodat
hij zichzelf kan ontplooien. Dit is een intructienormen.


Ook in internationaal verband hebben staten zich bereid
verklaard om in hun land grondrechten te respecteren. Zo
is de VN opgericht. Op 10 december 1948 heeft de algemene vergadering van de VN de
Universele Verklaring van de Rechten van de Mens opgesteld. Ze hebben binnen Europa
verschillende mensrechten vastgelegd in verschillende Europese verdragen. De volgende
verdragen zijn voor belang in Nederland:
- EVRM: (Europees verdrag voor de rechten van de mens) Rechten van De Mens en
de fundamentele vrijheden.. Deze bevat veel vrijheidsrechten. Bij het EVRM horen
diverse protocollen waarin afspraken worden gemaakt tussen de lidstaten en de
Raad van Europa.
- ESH (Europees Sociaal Handvest): veel genoemde sociale grondrechten, maar ook
het recht voor werknemers om te staken.
- ECOSOC/ IVESCR: (Internationaal Verdrag inzake economische, sociale en culturele
rechten)
- BUPO: Burgerrechten en politieke rechten.
- IVUR: Internationaal Verdrag inzake de uitbanning van elke vorm van
rassendiscriminatie
- VN-Vrouwenverdrag: bevat de uitbanning van alle vormen van discriminatie van
vrouwen.
- Verdrag tegen foltering: en onmenselijke
of vernederende behandeling of
bestraffing.
- IVRK:(Internationaal verdrag inzake de
Rechten van het Kind) speciaal met het
oog op de bijzondere zorg en bijstand
voor kinderen.
- Grondwet
Grondrechten hebben in de eerste plaats hun werking in de relatie tussen de overheid en de
burger (verticale werking). Bij de klassieke grondrechten (waarborgnomen) gaat het om

, onthouding van bemoeienis van de overheid. Bij sociale grondrechten (intructienormen)
moet de overheid actief ingrijpen. De rol van burgers onderling dat ze elkaars grondrechten
moeten respecteren (horizontale werking).
Er kan beperking en botsingen voor komen in het grondrecht. Hierbij zou een rechter bij de
beoordeling van een geschil tussen burgers het grondrecht van de een als zwaarwegend
belang afwegen tegen de belangen van de ander. Dergelijke grondrechten, die voorwaarden
stellen aan de nationaliteit, worden burgerschapsrechten genoemd.
Soms moet de overheid grondrechten beperken. BV om gevangen op te sluiten (vrijheid van
meningsuiting wordt beperkt) hiervoor zijn er 4 duidelijke voorwaarden:
1. De mogelijkheid om grondrechten te beperken moeten worden vastgelegd in de
Grondwet of in een verdrag.
2. De beperking dient ter bescherming van een bepaald doel dat in de Grondwet of het
verdrag is aangegeven.
3. De beperking en/of de bevoegdheid om te beperken moet worden vastgelegd in een
wet in formele zin of in een lagere regeling die daarop is gebaseerd.
4. (Soms) de beperking moet noodzakelijk zijn in een democratische samenleving.


2.2 Klassieke grondrechten
- Recht op gelijke behandeling (art 1 Gw, art 14 EVRM, art 26 BUPO)
dat gelijke gevallen gelijk behandeld moeten worden. Discriminatie is niet toegestaan. De
wet maakt onderscheid tussen directe en indirecte discriminatie. Direct rechtstreeks
gericht tegen een persoon of groep en indirect gevolg heeft dat deze nadeel kan
ondervinden van het gemaakte onderscheid.
- Recht om in het Koninkrijk der Nederlanden te zijn en het land te verlaten (ART 2 Gw,
art 2 van de vierde protocol bij het EVRM, art 12 lid 1 BUPO)
Morgen Nederlanders en vreemdelingen die rechtmatig in Nederland verblijven, zich hier vrij
bewegen. Het hebben van de Nederlandse nationaliteit is in het gehele koninkrijk mogelijk op
de bewegen. Vreemdeling kan worden verplicht om binnen een bepaald gebied te blijven of
er juist weg van te blijven.
- Recht om in Nederlandse overheidsdienst benoemd te kunnen worden (art 3 Gw)
Nederlanders kunnen een baan bij de Nederlandse overheid krijgen. Voor sommige functies
is het Nederlanderschap verplicht.
- Kiesrecht (art 4 Gw)
Meerderjarige Nederlanders hebben actief kiesrecht ze mogen dan stemmen op wie ze
willen. Ze hebben ook passief kiesrecht dat betekend dat er ook op hun gestemd mag
worden. Na 5 jaar krijgen vreemdelingen wettelijk kiesecht. Als iemand een strafbare feit
heeft gepleegd kan het kiesrecht ontnomen worden.
- Recht van petitie (art 5 Gw)
Iedereen kan met een verzoekschrift een orgaan of persoon die de overheid
vertegenwoordigt, vragen om actie te ondernemen. Een petitie die behalve per brief ook per
e-mail kan worden ingediend.
- Vrijheid van godsdienst en levensovertuiging (art 6 Gw, art 9 EVRM, art 8 BUPO)
Iedereen mag een (levens)overtuiging hebben, deze mag verkondigen en ernaar handelen.
Deze mogen alleen geen regels overtreden. De overheid moet respecteren de keuzes van

Documentinformatie

Geüpload op
18 juni 2026
Aantal pagina's
32
Geschreven in
2025/2026
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

€3,49
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
jorritstudent

Ook beschikbaar in voordeelbundel

Thumbnail
Voordeelbundel
Vakken leerjaar 1 - sociaal juridische dienstverlening
-
12 2026
€ 20,99 Meer info

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
jorritstudent Hogeschool InHolland
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
3
Lid sinds
1 maand
Aantal volgers
0
Documenten
15
Laatst verkocht
2 weken geleden

0,0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen