Hematologie samenvatting hoorcollege 1-8 HU
2019/2020
Les 1: introductie hematologie
Circulatie:
Waarom circulatie?
o O2 opnamen en afgifte
o Vervoer voedings- en afvalstoffen
Soorten circulatie:
o Pulmonale circulatie(longen voorzien van O 2)
o Systematische circulatie(toevoer van O2 rijk bloed naar organen)
2 bijzonderheden:
o PoortADER systeem= O2 rijk bloed naar lever
o Pulmonale circulatie Arterie=O2 arm, Vene=O2 rijk
De structuur van bloedvaten:
Arterie dikke spierlaag om bloedvat
Capillair=haarvatenloopt door endotheel, zorgt voor snelle diffusie
Vene cavavormt zich naar beschikbare ruimte, hebben bloedvaatkleppen tegen terugstroming
Capillair endotheel
Bloedtoevoer geregeld door sfincters(kringspier+afsluitfunctie)
o Soorten capillair: (doorlatbaarheid=ruimte tussen de cellen)
Continue capillair veel in brein, lage doorlaatbaarheid
Gefenestreerde capillair veel rond de darm, middelmatige doorlaatbaarheid
Sinusoïde capillair veel rond beenmerg, hoge doorlaatbaarheid
Capilaire wand:
o Hydrostatische druk vocht van bloed naar buiten
o Colloïd osmotische druk neemt vocht op van weefsel
Samen voorkomen ze vocht ophopingen
o Weefselvocht wordt met behulp van lymfen in de vene gebracht
Bloed componenten
Bloed valt onder de groep bindweefsel omdat het verantwoordelijk is voor transport.
o Bloed componenten:
Erytrocyten +/- 5x1012 per L
Leukocyten +/- 5x109 per L
Trombocyten +/- 25x109 per L
Alle 3 worden in beenmerg gemaakt(hematopoëse)
, RBC Indices:
RBC= Red Bloodcell Count 1/L
Hb= Hemoglobine concentratie mol/L
Ht= Hematocriet concentratie L/L
o MCV= Mean Cell Volume Ht/RBC
o MCH= Mean Cell Hemoglobine Hb/RBC
o MCHC= Mean Cell Hemoglobine Concentratie Hb/Ht
2019/2020
Les 1: introductie hematologie
Circulatie:
Waarom circulatie?
o O2 opnamen en afgifte
o Vervoer voedings- en afvalstoffen
Soorten circulatie:
o Pulmonale circulatie(longen voorzien van O 2)
o Systematische circulatie(toevoer van O2 rijk bloed naar organen)
2 bijzonderheden:
o PoortADER systeem= O2 rijk bloed naar lever
o Pulmonale circulatie Arterie=O2 arm, Vene=O2 rijk
De structuur van bloedvaten:
Arterie dikke spierlaag om bloedvat
Capillair=haarvatenloopt door endotheel, zorgt voor snelle diffusie
Vene cavavormt zich naar beschikbare ruimte, hebben bloedvaatkleppen tegen terugstroming
Capillair endotheel
Bloedtoevoer geregeld door sfincters(kringspier+afsluitfunctie)
o Soorten capillair: (doorlatbaarheid=ruimte tussen de cellen)
Continue capillair veel in brein, lage doorlaatbaarheid
Gefenestreerde capillair veel rond de darm, middelmatige doorlaatbaarheid
Sinusoïde capillair veel rond beenmerg, hoge doorlaatbaarheid
Capilaire wand:
o Hydrostatische druk vocht van bloed naar buiten
o Colloïd osmotische druk neemt vocht op van weefsel
Samen voorkomen ze vocht ophopingen
o Weefselvocht wordt met behulp van lymfen in de vene gebracht
Bloed componenten
Bloed valt onder de groep bindweefsel omdat het verantwoordelijk is voor transport.
o Bloed componenten:
Erytrocyten +/- 5x1012 per L
Leukocyten +/- 5x109 per L
Trombocyten +/- 25x109 per L
Alle 3 worden in beenmerg gemaakt(hematopoëse)
, RBC Indices:
RBC= Red Bloodcell Count 1/L
Hb= Hemoglobine concentratie mol/L
Ht= Hematocriet concentratie L/L
o MCV= Mean Cell Volume Ht/RBC
o MCH= Mean Cell Hemoglobine Hb/RBC
o MCHC= Mean Cell Hemoglobine Concentratie Hb/Ht