Een organisatie is een samenwerkingsverband tussen mensen die een bepaald gepland doel willen
bereiken met behulp van bepaalde middelen.
Gekenmerkt door:
– een doel.
– een plan.
– middelen.
Organisaties zijn commercieel (profit) of niet commercieel (non-profit.)
Organisaties hebben veel invloed op de maatschappij en de economie door:
– Het zorgen voor werkgelegenheid.
– Ze geven hun werknemers een inkomen.
– Ze betalen belasting waardoor de overheid geld binnenkrijgt.
– Ze voorzien de behoeften van de afnemers van de organisatie.
– Binnen een organisatie zijn meestal mogelijkheden tot verder opleiden en innovatie.
– Ze verhogen de concurrentiekracht van Nederland tegenover het buitenland.
Je kan de grootte van en organisatie bepalen met:
– absolute gegevens: de daadwerkelijke grootte.
– relatieve gegevens: de gegevens van een bedrijf worden afgezet tegen een ander bedrijf of de
gehele markt.
Wettelijk worden bedrijven ingedeeld onder:
– micro
– klein
– middelgroot
– groot
Dit gaat op basis van:
– de waarde van de activa.
– de hoogte van de netto-omzet.
– het gemiddelde aantal werknemers.
MVO: Maatschappelijk verantwoord ondernemen. Hieronder verstaan we de manier waarop een
bedrijf vrijwillig rekening houdt met de 3 P's:
– People: het welzijn van alle personen die betrokken zijn bij de onderneming.
– Planet: hoeveel het bedrijf rekening houdt met de negatieve effecten op de planeet.
– Profit: de winstgevendheid van een bedrijf.
Missie van een bedrijf: dit geeft het bestaansrecht van de organisatie weer.
Visie van een bedrijf: dit geeft aan waar het bedrijf in de verre toekomst heen wilt.
Doelstellingen van een bedrijf hebben een rangorde:
1. strategische doelstellingen.
2. tactische doelstellingen.
3: operationele doelstellingen.
,Strategische doelstellingen:
– doelen voor lang termijn (ong. 10 jaar).
– bepaald door directie van de organisatie.
Tactische doelstellingen:
– vloeien uit de strategische doelstellingen.
– realisatietermijn van een tot drie jaar.
– worden vastgesteld door de directie en het hogere management.
Operationele doelstellingen:
– termijn van ong. een jaar.
– gaan over de uitvoering.
– worden genomen door het midden en het lagere management.
Doelstellingen moeten voldoen aan de volgende eisen:
– duidelijk.
– acceptabel.
– haalbaar.
– consistent.
Veel organisaties gebruiken het SMART model:
S – specifiek
M – meetbaar
A – acceptabel
R – realistisch
T – tijdgebonden
, Rechtsvormen en rechtspersonen:
De rechtsvorm is de juridische vorm van een organisatie.
Natuurlijke personen: mensen met rechten en plichten.
Rechtspersonen: organisaties die zelf rechten en plichten hebben.
Bij het kiezen van een rechts vorm let de organisatie op:
– de continuïteit van de organisatie.
– de financiering.
– juridische aansprakelijkheid.
– leiding.
– besluitvorming.
– zeggenschap.
Rechtsvormen zonder rechtspersoonlijkheid:
– eenmanszaak
– VOF
Eenmanszaak:
– zakelijke vermogen en privé vermogen van de ondernemen zijn met elkaar verbonden.
– inschrijven bij het handelsregister is verplicht.
– 1 eigenaar maar mag wel personeel hebben.
– eigenaar heeft de volledige zeggenschap.
– meestal afhankelijk van vreemd vermogen in de vorm van leningen.
– volledig aansprakelijk voor de schulden van de onderneming, hoofdelijk aansprakelijk.
VOF, vennootschap onder firma:
– een bedrijf geleid door verschillende personen onder een gemeenschappelijke naam.
– moet worden ingeschreven in een handelsregister.
– de taken worden verdeeld onder de verschillende eigenaren.
– eigen vermogen is groter dan bij een eenmanszaak omdat het afkomstig is van alle vennoten.
– de vennoten zijn hoofdelijk aansprakelijk.
– over winst moet inkomstenbelasting betaald worden.
VOF en eenmanszaken hebben gemeen:
– beide zijn geen rechtspersoonlijkheid.
– VOF en eenmanszaak kunnen personeel hebben.
– beide inschrijven handelsregister van de KVK.
– over winst moet inkomstenbelasting betaald worden.
– eigenaren zijn hoofdelijk aansprakelijk.
VOF en eenmanszaken hebben niet gemeen:
– VOF heeft meerde eigenaren.
– Meer personen hebben leiding bij een VOF dan een eenmanszaak.
– VOF trekt makkelijker vreemd vermogen aan.
– Bij VOF is continuïteit meer gegarandeerd.