Pedagogiek H3+ H8
Signaleren en observeren H3
Signaleren wil zeggen dat je gealarmeerd wordt door een waarschuwingsteken.
Signaleren vanuit 3 invalshoeken:
1. In het kader van preventie
2. Als onderdeel van en aanvulling op het handelen
3. Als professiegebonden taak
Signaleren in het kader van preventie
Signaleren kan de eerste fase zijn van preventie. Het signaleren is dan gericht op het opsporen van
risicofactoren bij groepen kinderen. Door vroegtijdig te signaleren dat kinderen risico lopen, kun je
in een vroeg stadium hulp bieden. Daarmee voorkom je onderwijsachterstanden en
ontwikkelingsproblemen of zorg je dat deze niet te ernstig worden.
Signaleren als onderdeel van of als aanvulling op het begeleiden van kinderen
In de tweede plaats signaleer je tijdens je werk met individuele kinderen. Door goed te letten op
signalen kun je zorgen dat de begeleiding goed aansluit op de begeleidingsbehoeften van het kind en
kun je deze zonodig aanpassen. Als signaleren je tweede natuur is geworden, kun je vroegtijdig
inspelen op minder gewenste situaties.
Signaleren als professiegebonden taak
Tot slot hoort signaleren to je professiegebonden taken. Het gaat hier om signalen die je opvangt via
kinderen, ouders of collega’s die erop wijzen dat bepaalde instanties of regelingen niet goed
functioneren of tekortschieten. Dat hier iets aan gebeurt, is niet alleen in het belang van dat ene kind
of die ene ouder, maar in het belang van iedereen.
Signaleren en observeren zijn twee verschillende dingen. Signaleren is veel vrijblijvender en daarom
ook subjectiever dan observeren. Bij het signaleren ga je uit van je gevoel en je eigen mening. Door
er met andere over te praten of door het desbetreffende gedrag te observeren, kan je gevoel of je
mening worden bevestigd of niet. Een ander verschil is dat je gedurende de hel dag kunt blijven
signaleren. Observeren doe je alleen als je een bepaald doel voor je ogen hebt. Je legt dan van
tevoren vast wie, waar, wanneer en hoe je gaat observeren.
Signaleren en observeren H3
Signaleren wil zeggen dat je gealarmeerd wordt door een waarschuwingsteken.
Signaleren vanuit 3 invalshoeken:
1. In het kader van preventie
2. Als onderdeel van en aanvulling op het handelen
3. Als professiegebonden taak
Signaleren in het kader van preventie
Signaleren kan de eerste fase zijn van preventie. Het signaleren is dan gericht op het opsporen van
risicofactoren bij groepen kinderen. Door vroegtijdig te signaleren dat kinderen risico lopen, kun je
in een vroeg stadium hulp bieden. Daarmee voorkom je onderwijsachterstanden en
ontwikkelingsproblemen of zorg je dat deze niet te ernstig worden.
Signaleren als onderdeel van of als aanvulling op het begeleiden van kinderen
In de tweede plaats signaleer je tijdens je werk met individuele kinderen. Door goed te letten op
signalen kun je zorgen dat de begeleiding goed aansluit op de begeleidingsbehoeften van het kind en
kun je deze zonodig aanpassen. Als signaleren je tweede natuur is geworden, kun je vroegtijdig
inspelen op minder gewenste situaties.
Signaleren als professiegebonden taak
Tot slot hoort signaleren to je professiegebonden taken. Het gaat hier om signalen die je opvangt via
kinderen, ouders of collega’s die erop wijzen dat bepaalde instanties of regelingen niet goed
functioneren of tekortschieten. Dat hier iets aan gebeurt, is niet alleen in het belang van dat ene kind
of die ene ouder, maar in het belang van iedereen.
Signaleren en observeren zijn twee verschillende dingen. Signaleren is veel vrijblijvender en daarom
ook subjectiever dan observeren. Bij het signaleren ga je uit van je gevoel en je eigen mening. Door
er met andere over te praten of door het desbetreffende gedrag te observeren, kan je gevoel of je
mening worden bevestigd of niet. Een ander verschil is dat je gedurende de hel dag kunt blijven
signaleren. Observeren doe je alleen als je een bepaald doel voor je ogen hebt. Je legt dan van
tevoren vast wie, waar, wanneer en hoe je gaat observeren.