Oogheelkunde
Hoorcollege
6
periode
D
Lens
Anatomie
&
fysiologie
De
lens
is
opgehangen
aan
de
zonula
vezels,
deze
zitten
aan
de
lens
vast
aan
het
kapsel.
De
vezels
zijn
buiten
de
lens
ook
verbonden
aan
de
ciliare
spier.
Lensepitheel:
Deze
vermenigvuldigen
gedurende
iemands
leven.
Uiteindelijk
migreren
deze
cellen
naar
de
buitenkant
en
ook
naar
binnen.
Hierbinnen
verminderen
de
hoeveelheden
cellen
met
een
celkern
en
verandert
zo’n
cel
in
een
lensvezel.
Door
de
vermeerdering
van
de
hoeveelheid
cellen,
wordt
de
lens
met
de
leeftijd
zwaarder.
Dit
heeft
de
volgende
gevolgen:
-‐ Ruimte
inname:
kan
zorgen
voor
een
verhoogde
oogdruk;
glaucoom
op
oudere
leeftijd;
-‐ Lens
paradox:
Lens
wordt
door
het
dikker
en
zwaarder
worden
ook
boller.
Hierdoor
zou
volgens
de
theorie
iemand
met
de
leeftijd
meer
myoop
worden,
maar
in
de
praktijk
blijft
dit
gelijk.
De
lens
wordt
dus
niet
alleen
boller,
maar
de
refractie
index
van
de
lens
neemt
af
waardoor
iemands
sterkte
nagenoeg
gelijk
blijft;
-‐ Presbyopie:
Het
niet
meer
kunnen
accommoderen
met
de
lens.
Functies
van
de
lens
(fysiologie):
-‐ Bescherming
tegen
oxidatieve
schade:
Oxidatieve
schade
zorgt
ervoor
dat
de
accommodatie
en
transparantie
minder
wordt.
Dit
is
schade
die
ontstaat
door
zuurstofradicalen
(o2-‐)
en
waterstofperoxide
(h2o2).
Deze
stoffen
komen
vrij
door
bijvoorbeeld
Uv-‐straling.
Oxidatieve
schade
is
nauwelijks
te
repareren,
hierdoor
is
bescherming
tegen
deze
schade
van
belang.
• Lage
zuurstofspanning
(glycolyse)
in
het
oog:
Energie
van
de
lens
wordt
door
anaerobe
energievoorziening
geregeld.
Dit
is
een
energievoorziening
waar
geen
zuurstof
voor
nodig
is;
• Glutathion
(lensepitheel):
Vangt
zuurstof
weg;
• Ascorbinezuur
=
vitamine
C
(ciliaire
epitheel):
Vangt
zuurstof
weg.
-‐ Accommodatie
mechanisme:
m.ciliaris
+
zonulae
+
lenskapsel
+
lensvezels.
Als
de
ciliaire
spier
is
aangespannen,
is
de
lens
in
accommodatie.
Indien
deze
ontspannen
is,
is
er
sprake
van
geen
accommodatie/negatieve
accommodatie.
-‐ Transparantie;
Regelmatige
rangschikking
van
de
lensvezels.
Daarnaast
kunnen
ten
opzichte
van
elkaar
niet
veranderen
van
plek
à
werkt
als
een
homogene
geheel.
• De
eiwitconcentratie
in
de
lens
is
heel
hoog
en
wordt
met
de
leeftijd
hoger,
ook
dit
draagt
bij
aan
de
homogene
rangschikking.
• Afwezigheid
celorganellen
zorgt
ervoor
dat
de
lens
goed
transparant
is
en
er
geen
bloedvaten
in
zitten.
Cataract/staar
Cataract=
Verlies
van
transparantie
leidt
tot
visusdaling
en
glare/strooilicht.
Morfologische
indeling
van
staar:
a. Normaal:
b. Schors
cataract:
Vertroebelingen
in
de
schors;
c. Kern
cataract:
Vertroebelingen
in
de
kern;
d. Subcapsulair
cataract:
Vertroebelingen
in
de
subcapsulaire
ruimte.
Dit
geeft
in
principe
te
meeste
klachten
en
zorgt
voor
het
meeste
strooilicht.
Hoorcollege
6
periode
D
Lens
Anatomie
&
fysiologie
De
lens
is
opgehangen
aan
de
zonula
vezels,
deze
zitten
aan
de
lens
vast
aan
het
kapsel.
De
vezels
zijn
buiten
de
lens
ook
verbonden
aan
de
ciliare
spier.
Lensepitheel:
Deze
vermenigvuldigen
gedurende
iemands
leven.
Uiteindelijk
migreren
deze
cellen
naar
de
buitenkant
en
ook
naar
binnen.
Hierbinnen
verminderen
de
hoeveelheden
cellen
met
een
celkern
en
verandert
zo’n
cel
in
een
lensvezel.
Door
de
vermeerdering
van
de
hoeveelheid
cellen,
wordt
de
lens
met
de
leeftijd
zwaarder.
Dit
heeft
de
volgende
gevolgen:
-‐ Ruimte
inname:
kan
zorgen
voor
een
verhoogde
oogdruk;
glaucoom
op
oudere
leeftijd;
-‐ Lens
paradox:
Lens
wordt
door
het
dikker
en
zwaarder
worden
ook
boller.
Hierdoor
zou
volgens
de
theorie
iemand
met
de
leeftijd
meer
myoop
worden,
maar
in
de
praktijk
blijft
dit
gelijk.
De
lens
wordt
dus
niet
alleen
boller,
maar
de
refractie
index
van
de
lens
neemt
af
waardoor
iemands
sterkte
nagenoeg
gelijk
blijft;
-‐ Presbyopie:
Het
niet
meer
kunnen
accommoderen
met
de
lens.
Functies
van
de
lens
(fysiologie):
-‐ Bescherming
tegen
oxidatieve
schade:
Oxidatieve
schade
zorgt
ervoor
dat
de
accommodatie
en
transparantie
minder
wordt.
Dit
is
schade
die
ontstaat
door
zuurstofradicalen
(o2-‐)
en
waterstofperoxide
(h2o2).
Deze
stoffen
komen
vrij
door
bijvoorbeeld
Uv-‐straling.
Oxidatieve
schade
is
nauwelijks
te
repareren,
hierdoor
is
bescherming
tegen
deze
schade
van
belang.
• Lage
zuurstofspanning
(glycolyse)
in
het
oog:
Energie
van
de
lens
wordt
door
anaerobe
energievoorziening
geregeld.
Dit
is
een
energievoorziening
waar
geen
zuurstof
voor
nodig
is;
• Glutathion
(lensepitheel):
Vangt
zuurstof
weg;
• Ascorbinezuur
=
vitamine
C
(ciliaire
epitheel):
Vangt
zuurstof
weg.
-‐ Accommodatie
mechanisme:
m.ciliaris
+
zonulae
+
lenskapsel
+
lensvezels.
Als
de
ciliaire
spier
is
aangespannen,
is
de
lens
in
accommodatie.
Indien
deze
ontspannen
is,
is
er
sprake
van
geen
accommodatie/negatieve
accommodatie.
-‐ Transparantie;
Regelmatige
rangschikking
van
de
lensvezels.
Daarnaast
kunnen
ten
opzichte
van
elkaar
niet
veranderen
van
plek
à
werkt
als
een
homogene
geheel.
• De
eiwitconcentratie
in
de
lens
is
heel
hoog
en
wordt
met
de
leeftijd
hoger,
ook
dit
draagt
bij
aan
de
homogene
rangschikking.
• Afwezigheid
celorganellen
zorgt
ervoor
dat
de
lens
goed
transparant
is
en
er
geen
bloedvaten
in
zitten.
Cataract/staar
Cataract=
Verlies
van
transparantie
leidt
tot
visusdaling
en
glare/strooilicht.
Morfologische
indeling
van
staar:
a. Normaal:
b. Schors
cataract:
Vertroebelingen
in
de
schors;
c. Kern
cataract:
Vertroebelingen
in
de
kern;
d. Subcapsulair
cataract:
Vertroebelingen
in
de
subcapsulaire
ruimte.
Dit
geeft
in
principe
te
meeste
klachten
en
zorgt
voor
het
meeste
strooilicht.