Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Arresten

Burgerlijk Procesrecht 1 Verplichte arresten 2017/2018

Beoordeling
4,4
(25)
Verkocht
9
Pagina's
44
Geüpload op
17-09-2017
Geschreven in
2017/2018

Burgerlijk Procesrecht 1 Verplichte arresten 2017/2018: schematische weergave. Behaald cijfer: 8.

Voorbeeld van de inhoud

Burgerlijk procesrecht 1 Arresten 2017/2018



Verplichte arresten Burgerlijk procesrecht 1




1
Edwin van der Velde Rijksuniversiteit Groningen

,Burgerlijk procesrecht 1 Arresten 2017/2018


Inhoud
Week 1..................................................................................................................................................... 3
Week 2..................................................................................................................................................... 9
Week 3................................................................................................................................................... 12
Week 4................................................................................................................................................... 18
Week 5................................................................................................................................................... 27
Week 6................................................................................................................................................... 31
Week 7................................................................................................................................................... 37
Overig .................................................................................................................................................... 44




2
Edwin van der Velde Rijksuniversiteit Groningen

,Burgerlijk procesrecht 1 Arresten 2017/2018


Week 1
Naam Regiopolitie/Hovax
Rechtsvraag Mag de rechter ambtshalve de schadebeperkingsplicht aan de orde
stellen?
Antwoord In ieder geval moet, als de rechter dit doet, het beginsel van hoor en
wederhoor in acht worden genomen.
Samenvatting Hovax en de Regiopolitie hebben onderhandeld teneinde een
huurcontract te sluiten. Op een gegeven moment breekt de
Regiopolitie deze onderhandelingen af, waarna Hovax zich op het
standpunt stelt dat de overeenkomst reeds tot stand was gekomen.
Hovax vordert op grond van dit uitgangspunt ontbinding met
aanvullende schadevergoeding. De rechtbank betrekt in zijn oordeel
dat Hovax de schade had moeten beperken door het pand aan derde te
(proberen te) verhuren. Hovax stelt zich in cassatie op het standpunt
dat de rechtbank hiermee buiten de rechtsstrijd is getreden.
Essentie/conclusie 5.2 Het is op zichzelf juist dat de rechter een wettelijke verplichting
tot schadevergoeding niet ambtshalve mag verminderen op de grond
dat naar zijn oordeel - kort gezegd - sprake is van 'eigen schuld' van
de benadeelde aan zijn schade, ook al wordt (aldus de MvA II bij art.
6:101, Parl. Gesch. Boek 6, blz. 353) "de vergoedingsplicht (...),
wanneer aan de eisen van het artikel is voldaan, van rechtswege
verminderd (...)". Het mede in art. 6 EVRM verankerde fundamentele
beginsel van hoor en wederhoor brengt mee dat de rechter pas tot die
vermindering mag overgaan indien de aansprakelijk gestelde persoon
een voldoende gemotiveerd beroep op eigen schuld van de
benadeelde aan zijn schade heeft gedaan. Anders dan het onderdeel
betoogt, betekent dit echter niet dat het de rechter nimmer zou
vrijstaan de eigen-schuld-vraag ambtshalve aan de orde te stellen. Uit
het hiervoor overwogene volgt wél dat hij, als hij dat doet, partijen in
de gelegenheid dient te stellen het processuele debat dienaangaande
aan te gaan en dat hij zich van een beslissing op dit punt dient te
onthouden als vervolgens blijkt dat partijen dat debat niet wensen te
voeren.
5.3 De vraag wanneer het de rechter vrijstaat deze kwestie ambtshalve
aan de orde te stellen, kan niet in haar algemeenheid worden
beantwoord. Het onderhavige geval wordt echter daardoor
gekenmerkt dat het partijdebat in eerste aanleg en in hoger beroep tot
aan het eerste tussenvonnis van de rechtbank, zich had beperkt tot de
vraag of aansprakelijkheid van de Regiopolitie tegenover Hovax
bestond, c.q. of de door Hovax gestelde huurovereenkomst al dan niet
tot stand was gekomen. Onder deze omstandigheden lag het, nadat de
rechtbank had geoordeeld dat Hovax in het tot dan toe gevoerde debat
het gelijk aan haar zijde had, zozeer voor de hand dat de Regiopolitie
- die al eerder had gesteld dat het pand inmiddels zou zijn verhuurd en
dat Hovax zich daarover diende uit te laten - vervolgens een beroep
zou willen doen op eigen schuld van Hovax aan haar schade, dat het
de rechtbank vrijstond deze vraag ambtshalve aan de orde te stellen.
Onderdeel 2.4, dat op een andere rechtsopvatting is gebaseerd, stuit
hierop af.
Context/Illustratie bij Partijautonomie en lijdelijkheid van de rechter

Naam Schook/Vergeer
Rechtsvraag Mag een rechter feiten aan zijn oordeel ten grondslag leggen als deze
zijn verkregen door een ‘niet-officiële’ bezichtiging?
3
Edwin van der Velde Rijksuniversiteit Groningen

, Burgerlijk procesrecht 1 Arresten 2017/2018


Antwoord Nee, tenzij het gaat om feiten van algemene bekendheid
Samenvatting Vergeer stelt zich op het standpunt dat de door Schook van Vergeer
gehuurde ruimte niet een bedrijfsruimte is. Ter beoordeling hiervan
heeft de rechter feiten aan zijn vonnis ten grondslag gelegd die zijn
verkregen tijdens een niet-officiële bezichtiging.
Essentie/conclusie “Onderdeel 2 is eveneens gegrond. Het aan het oordeel ten grondslag
leggen van niet van algemene bekendheid zijnde gegevens, verkregen
— zoals de Rb. vermeldt — door een 'niet-officiele bezichtiging',
verdraagt zich niet met de wettelijke regeling der gerechtelijke
plaatsopneming, welke de nodige waarborgen biedt voor controle en
bespreekbaarheid door partijen.”
Context/Illustratie bij Hoor en wederhoor in relatie tot bezichtiging

Naam Dombo/Nederland
Rechtsvraag Is de regel dat een partij niet als getuige mag optreden verenigbaar
met art 6 EVRM?
Antwoord Nee
Essentie/conclusie “The requirements inherent in the concept of ‘fair hearing’ are not
necessarily the same in cases concerning the determination of civil
rights and obligations as they are in cases concerning the
determination of a criminal charge. This is borne out by the absence
of detailed provisions such as paragraphs 2 and 3 of Article 6
applying to cases of the former category. Thus, although these
provisions have a certain relevance outside the strict confines of
criminal law (see, mutatis mutandis, the Albert and Le Compte v.
Belgium judgment of 10 February 1983, Series A no. 58, p. 20, §
39, NJ 1987, 315), the Contracting States have greater latitude when
dealing with civil cases concerning civil rights and obligations than
they have when dealing with criminal cases.
33.
Nevertheless, certain principles concerning the notion of a ‘fair
hearing’ in cases concerning civil rights and obligations emerge form
the Court's case-law. Most significantly for the present case, it is clear
that the requirement of ‘equality of arms’, in the sense of a ‘fair
balance’ between the parties, applies in principle to such cases as well
as to criminal cases (see the Feldbrugge v. the Netherlands judgment
of 26 May 1986, Series A no. 99, p. 17, § 44, NJ 1987, 432 (EAA);
NJCM-bull. 1986, 452 (AWMW)).
The Court agrees with the Commission that as regards litigation
involving opposing private interests, ‘equality of arms’ implies that
each party must be afforded a reasonable opportunity to present his
case — including his evidence — under conditions that do not place
him at a substantial disadvantage vis-à-vis his opponent.
It is left to the national authorities to ensure in each individual case
that the requirements of a ‘fair hearing’ are met.
34.
In the instant case, it was incumbent upon the applicant company to
prove that there was an oral agreement between it and the Bank to
extend certain credit facilities. Only two persons had been present at
the meeting at which this agreement had allegedly been reached,
namely Mr van Reijendam representing the applicant company and
Mr van W. representing the Bank. Yet only one of these two key
persons was permitted to be heard, namely the person who had
represented the Bank. The applicant company was denied the
possibility of calling the person who had represented it, because the
4
Edwin van der Velde Rijksuniversiteit Groningen

Documentinformatie

Geüpload op
17 september 2017
Bestand laatst geupdate op
13 oktober 2017
Aantal pagina's
44
Geschreven in
2017/2018
Type
Arresten

Onderwerpen

€3,98
Krijg toegang tot het volledige document:
Gekocht door 9 studenten

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF


Ook beschikbaar in voordeelbundel

Thumbnail
Voordeelbundel
Bundel Blok 1 2017/2018: Internationaal Publiekrecht en Burgerlijk Procesrecht 1
5,0
(1)
23 7 2017
€ 8,48 Meer info

Beoordelingen van geverifieerde kopers

7 van 25 beoordelingen worden weergegeven
5 jaar geleden

7 jaar geleden

7 jaar geleden

7 jaar geleden

8 jaar geleden

8 jaar geleden

8 jaar geleden

4,4

25 beoordelingen

5
11
4
13
3
1
2
0
1
0
Betrouwbare reviews op Stuvia

Alle beoordelingen zijn geschreven door echte Stuvia-gebruikers na geverifieerde aankopen.

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
edwin7788 Rijksuniversiteit Groningen
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
4337
Lid sinds
10 jaar
Aantal volgers
1748
Documenten
60
Laatst verkocht
1 maand geleden
Rechtsgeleerdheid Groningen

Samenvattingen, collegeaantekeningen, arresten en werkgroepuitwerkingen van alle verplichte vakken voor de Bachelor IT-recht, en voor de Masters IT-recht en Privaatrecht (Rijksuniversiteit Groningen)

4,4

2001 beoordelingen

5
1039
4
803
3
119
2
11
1
29

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen