Anatomie, Fysiologie en Ziekteleer BLOK 1.2
Boek: Beknopte integrale ziekteleer.
Hoofdstuk 3.6 afwijkingen in de bloeddruk.
Boek: Anatomie en fysiologie van de mens.
Hoofdstuk 7.7 Lymfe en lymfevaten.
Les 21-11-2018 – TH 28 Stoornissen bloeddruk - voorbereiding.
3.6 Afwijkingen in de bloeddruk:
Normale regeling van de bloeddruk is een samenspel van:
- De hartwerking (kracht linkerkamer).
- De nierwerking (Vermogen om via natriumretente het bloedvolume te regelen).
- De perifere vaatweerstand.
- Hormonen van het RAAS spelen een rol, de drukzintuigjes in de halsslagaders, het autonome
zenuwstelsel en adrenaline.
Hypertensie:
- Te hoge bloeddruk.
- Boven 150/90 is te hoog.
- Hypertensie zorgt voor vaatschade op langer termijn, maar heef vaak geen symptomen.
- Maligne hypertensie: Een hoge bloeddruk die op kort termijn schade aanbrengt door
de extreem hoge druk.
Hypotensie:
- Een te lage bloeddruk.
- Kan iemand duizelig maken, kan leiden tot volpartjen en bewustzijnsverlies.
Syncope = Het onwel worden met bewustzijnsverlies (meestal kortdurend).
Collaps = Het in elkaar zaken of vallen.
Vasovagale collaps = flauwvallen.
Orthostatische hypotensie:
- Aanval van hypotensie na het rechtop komen, gevolg van de ontregeling van de reflex
waarmee de bloeddruk in stand wordt gehouden als men rechtop staat.
, Shock:
- Ineenstortng van de bloedsomloop, kan alle weefsel niet van voldoende bloed
voorzien leidt tot cellen die kapot gaan (ischemie).
Shock verschijnselen:
- Bewustzijn:
Angstg, verward, gespannen, gedesorinnteerd.
Suf, bewustzijnsverlies.
- Huid:
Bleek/blauwachtg, koud/klammig, vertraagde capillary refll.
- Ademhaling:
Versneld en oppervlakkig.
- Pols:
Zwak en versneld (of in sommige omstandigheden juist vertraagd).
Lage bloeddruk.
Dalende urineprodukte.
Complicaties van shock:
- Ischemie kapot gaan van cellen.
cellen gaan over op de anaerobe verbranding, er ontstaat veel melkzuur.
- Metabole acidose Te lage pH waarde van het bloed.
- Ontstekingsmediatoren worden actef, doorbloeding gaat hierdoor achteruit.
- Acute nierbeschadiging met anurie en uremie.
- Stollingen in de bloedsomloop daarnaast bloedingen door de grote gebruikte
hoeveelheid stollingseiwiten en trombocyten.
- Uitgebreide schade aan lever, maagslijmvlies, darmen, spieren en perifere zenuwen.
- Longschade.
Maatregelen:
- De oorzaak wegnemen.
- Garanderen dat de weefsels genoeg zuurstof toegediend krijgen.
VIP-Behandeling:
De ventlate en het zuurstofgehalte van het bloed te garanderen: zuurstof en
indien nodig intuberen en beademen.
Bloedvolume vergroten met infusie, en als dat gelukt is de pompkracht van het
hart te ondersteunen met medicijnen.
Boek: Beknopte integrale ziekteleer.
Hoofdstuk 3.6 afwijkingen in de bloeddruk.
Boek: Anatomie en fysiologie van de mens.
Hoofdstuk 7.7 Lymfe en lymfevaten.
Les 21-11-2018 – TH 28 Stoornissen bloeddruk - voorbereiding.
3.6 Afwijkingen in de bloeddruk:
Normale regeling van de bloeddruk is een samenspel van:
- De hartwerking (kracht linkerkamer).
- De nierwerking (Vermogen om via natriumretente het bloedvolume te regelen).
- De perifere vaatweerstand.
- Hormonen van het RAAS spelen een rol, de drukzintuigjes in de halsslagaders, het autonome
zenuwstelsel en adrenaline.
Hypertensie:
- Te hoge bloeddruk.
- Boven 150/90 is te hoog.
- Hypertensie zorgt voor vaatschade op langer termijn, maar heef vaak geen symptomen.
- Maligne hypertensie: Een hoge bloeddruk die op kort termijn schade aanbrengt door
de extreem hoge druk.
Hypotensie:
- Een te lage bloeddruk.
- Kan iemand duizelig maken, kan leiden tot volpartjen en bewustzijnsverlies.
Syncope = Het onwel worden met bewustzijnsverlies (meestal kortdurend).
Collaps = Het in elkaar zaken of vallen.
Vasovagale collaps = flauwvallen.
Orthostatische hypotensie:
- Aanval van hypotensie na het rechtop komen, gevolg van de ontregeling van de reflex
waarmee de bloeddruk in stand wordt gehouden als men rechtop staat.
, Shock:
- Ineenstortng van de bloedsomloop, kan alle weefsel niet van voldoende bloed
voorzien leidt tot cellen die kapot gaan (ischemie).
Shock verschijnselen:
- Bewustzijn:
Angstg, verward, gespannen, gedesorinnteerd.
Suf, bewustzijnsverlies.
- Huid:
Bleek/blauwachtg, koud/klammig, vertraagde capillary refll.
- Ademhaling:
Versneld en oppervlakkig.
- Pols:
Zwak en versneld (of in sommige omstandigheden juist vertraagd).
Lage bloeddruk.
Dalende urineprodukte.
Complicaties van shock:
- Ischemie kapot gaan van cellen.
cellen gaan over op de anaerobe verbranding, er ontstaat veel melkzuur.
- Metabole acidose Te lage pH waarde van het bloed.
- Ontstekingsmediatoren worden actef, doorbloeding gaat hierdoor achteruit.
- Acute nierbeschadiging met anurie en uremie.
- Stollingen in de bloedsomloop daarnaast bloedingen door de grote gebruikte
hoeveelheid stollingseiwiten en trombocyten.
- Uitgebreide schade aan lever, maagslijmvlies, darmen, spieren en perifere zenuwen.
- Longschade.
Maatregelen:
- De oorzaak wegnemen.
- Garanderen dat de weefsels genoeg zuurstof toegediend krijgen.
VIP-Behandeling:
De ventlate en het zuurstofgehalte van het bloed te garanderen: zuurstof en
indien nodig intuberen en beademen.
Bloedvolume vergroten met infusie, en als dat gelukt is de pompkracht van het
hart te ondersteunen met medicijnen.