Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Criminalistiek en Forensisch DNA

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
24
Geüpload op
22-04-2024
Geschreven in
2023/2024

Een bijna complete samenvatting van het vak Criminalistiek en Forensisch DNA. Enkel de hoofdstukken uit het boek DNA zoekmachine ontbreken.

Voorbeeld van de inhoud

Samenva'ng Criminalis/ek en Forensisch DNA
Week 1 – Plaats delict
Meulenbroek, A. J. (2009). ‘De essen7es van forensisch biologisch onderzoek.’
Hoofdstuk 2 – Forensisch onderzoek van sporen van lichaamsvloeistoffen
Er zijn drie groepen biologische sporen: lichaamsvloeistoffen (bloed, sperma en speeksel),
haren en biologische sporen waarvan de aard niet is te bepalen. Bij sporenonderzoek zal als
eerst de haren worden veiliggesteld, vervolgens wordt er gekeken naar bloed, sperma en/of
speeksel en als laatst zal er onderzoek naar biologische contactsporen plaatsvinden. Soms
bevindt een spoor zich op een sporendrager, denk aan een bebloede vingerafdruk op een
deur, dan zal geprobeerd worden de sporendrager veilig te stellen, of worden er foto’s
gemaakt.
Er hoeD niet veel sporenmateriaal te zijn om een DNA-profiel te kunnen maken. Of het DNA-
onderzoek een DNA-profiel oplevert dat geschikt is voor vergelijking hangt af van
verschillende factoren zoals de kwaliteit. Omdat DNA heel kwetsbaar is en gevoelig voor
vocht, dient het bemonsteren, veiligstellen en bewaren van (stukken met) biologische sporen
aan een aantal eisen te voldoen. Hierbij wordt verontreiniging voorkomen, dient het in een
droge omgeving te gebeuren en koel en donker bewaard te worden.

Bloedsporen
Bloedsporen hebben vaak een rechtstreeks verband met het delict en zijn daarom van
belangrijke waarde. Of er sprake is van bloed kan onderzocht worden met een tetrabasetest,
waarmee bloed te onderscheiden is van andere op bloed lijkende substanLes. Tetrabase is
een stof die in de aanwezigheid van hemoglobine reageert met peroxide. Er zal dan een
blauwe kleur ontstaan. De test zal alLjd worden uitgevoerd op een monster van de
waargenomen vloeistof en niet op het spoor zelf. Ook bij dierlijk bloed zal de stof blauw
worden, dus het is slechts een indicaLeve test.
Als er geen bloed is waar te nemen of het lijkt erop dat het bloed is verwijderd kan dit
onderzocht worden met luminol. Met gebruik van luminol kunnen minimale, latente
bloedsporen zichtbaar worden. De ruimte wordt beneveld met luminol en op de plaatsen
waar blauwachLge kleuring optreedt, kan bloed aanwezig zijn. Het nadeel van
luminolonderzoek is dat het de minimale bloedsporen verdunt waardoor het DNA-onderzoek
bemoeilijkt kan worden. Daarnaast kan het een posiLeve reacLe geven met stoffen anders
dan bloed.
Bloedsporen kunnen waardevolle informaLe verschaffen over wat zich heeD afgespeeld op
een plaats delict. Dit kan door onderzoek van de uiterlijke kenmerken van de bloedsporen
zoals de grooPe, de vorm en de richLng. De resultaten van het bloedspoorpatroononderzoek
kan men ook toetsen aan bijvoorbeeld verklaringen van getuigen.

Sperma
Tijdens het onderzoek zal eerst gekeken worden of sperma in de bemonstering van het
lichaam van het slachtoffer kan worden aangetoond, of anders aan kleding of andere
sporendragers zoals beddengoed. In het donker kunnen sporen waargenomen worden met
een forensische lichtbron. Met een zure fosfatasetest kan worden aangetoond of de
gevonden sporen ook echt spermasporen zijn. Dit is een screeningstest en de zure fosfatase
is een enzym dat door de prostaat in spermavloeistof wordt uitgescheiden. Het geeD enkel
een aanwijzing op de mogelijke aanwezigheid, omdat zure fosfatase ook aanwezig is in
sommige planten, zaden en groenten. Gesteriliseerde mannen lozen geen spermacellen

,maar wel het enzym zure fosfatase. Naast de zure fosfatasetest kennen we ook de zure
fosfatase-afdrukmethode. Hierbij drukt men stukken van overtuiging in zijn gehaal af op een
vochLg vel testpapier. Dit testpapier is besproeid met een oplossing die reageert met zure
fosfatase.
Indien de zure fosfatasetest posiLef is volgt microscopisch onderzoek om vast te stellen of er
daadwerkelijk spermacellen aanwezig zijn. Dit kan in twee methoden. Uit het DNA kan RNA
worden getrokken. Dit RNA is verantwoordelijk voor eiwiPen en is per celtype verschillend.
Ook kan er gebruik worden gemaakt van differenLële lysis: hiermee worden spermacellen en
niet-spermacellen van elkaar gescheiden. Dan kunnen de DNA-profielen van zowel het
slachtoffer als de dader gemaakt worden.
Als uit de microscopische test niet blijkt dat er spermacellen aanwezig zijn kan ook nog de
prostaat specifiek anLgeentest (PSA) worden uitgevoerd, waarbij de aanwezigheid van een
menselijk prostaat specifiek anLgeen wordt aangetoond.

Speeksel
Voor onderzoek naar de aanwezigheid van speekselsporen wordt de alfa-amylasetest
gebruikt. Alfa-amylase is een enzym dat in hoge concentraLe in speeksel voorkomt. De test
geeD een aanwijzing voor de mogelijke aanwezigheid van speeksel, want alfa-amylase komt
ook in andere lichaamsvloeistoffen voor maar dan in een veel lagere concentraLe. Er zijn
twee soorten alfa-amylasetesten, de immunologische test en de enzymaLsche test.

Hoofdstuk 5 – Forensisch onderzoek van biologische contactsporen
Biologische contactsporen zijn sporen die door direct of indirect contact zijn overgedragen
op een persoon of een object en bevaPen weinig DNA. Onderzoek naar deze sporen wordt
daarom pas uitgevoerd wanneer onderzoek naar de klassieke sporen niks oplevert. Van deze
sporen is de aard van het celmateriaal niet te bepalen en is aannemelijk dat ze zijn ontstaan
doordat lichaamscellen en/of vloeistoffen van een persoon zijn overgedragen op een ander
persoon/object. Er zijn drie typen biologische contactsporen:
1. Gebruikssporen
a. Ontstaan bij frequent contact met een (persoonsgebonden) object.
Bijvoorbeeld gedragen kleding
2. Greepsporen
a. Ontstaan door eenmalig intensief (kortdurend) contact van een persoon met
een (ruw) object bijvoorbeeld een touw of met het lichaam van een andere
persoon. Meestal levert dit weinig DNA op.
3. Aanraaksporen
a. Eenmalig, niet-intensief, kortdurend contact van vaak meerdere personen met
een object of persoon. Deze objecten zijn over het algemeen niet
persoonsgebonden. Zeer zelden levert dit een geschikt DNA-profiel op.
Tijdens het bemonsteren van de sporen mag geen contaminaLe plaatsvinden. Minimale
hoeveelheden lichaamsvloeistoffen kunnen namelijk het gevolg hebben dat het DNA-profiel
van het contactspoor niet meer is vast te stellen. Bij voorkeur al bemonsteren op de plaats
delict.
De centrale vraag bij elk forensisch onderzoek blijD of het desbetreffende spoor een relaLe
heeD met het misdrijf (delict gerelateerd). Dit is bij biologische contactsporen niet snel
duidelijk, hiervoor kan meer inzicht worden verkregen door het resultaat van het onderzoek
te beschouwen in de context van de overige informaLe in de zaak. Ook kan er sprake zijn van

, indirecte overdracht, waarbij biologische contactpersonen via een ander persoon of object
overgedragen wordt op een volgende persoon of object. De donor van dat spoor heeD dan
zelf dus niets te maken met de eindbestemming waar het terecht is gekomen.

Hoofdstuk 6 – Het DNA-profiel
Deoxyribo Nucleic Acid (DNA) is de drager van erfelijke eigenschappen. Elk DNA-molecuul is
samengesteld uit twee ketens van bouwstenen. Er zijn 4 bouwstenen in totaal: Adenine,
Thymine, Cytosine en Guanine. De DNA-moleculen en de eromheen liggende eiwiPen
vormen samen de chromosomen. In elke celkern is het DNA verdeeld over 46 chromosomen.
Hiervan zijn 22 paren de autosomale chromosomen en 1 paar geslachtschromosomen. In
elke cel is het DNA exact hetzelfde.

Slechts 2% van het DNA zorgt voor erfelijke eigenschappen, de overige 98% zijn niet-
coderend DNA en kunnen hypervariabele gebieden (Short Tandem Repeats) bevaPen. Deze
hypervariabele gebieden verschillen sterk per persoon. Het bestaat uit steeds herhalende
stukjes DNA en omdat het zo sterk varieert is het heel geschikt om naar personen te
herleiden. De plaats van een hypervariabel gebied op het DNA noemt men een locus. Een
hypervariabel gebied wordt gekenmerkt door het aantal keer dat het zich herhalende stukje
DNA (allel) voorkomt. Dit geeD men weer door een cijfer, waarbij dit cijfer staat voor het
aantal keer dat het repeterende stukje DNA voorkomt. Een DNA-profiel is een beschrijving
van de DNA-kenmerken van verschillende loci op het DNA. De hoogte en breedte van een
piek weerspiegelt in welke mate het DNA-kenmerk aanwezig is. Voor de locus met de code
VWA zijn er twee pieken zichtbaar, 17 en 18. Dit betekent dat deze persoon op het ene DNA-
molecuul voor dit locus DNA-kenmerk 17 heeD en op het andere DNA-molecuul DNA-
kenmerk 18.




Bij een vergelijking van de verkregen DNA-profielen zijn verschillende uitkomsten mogelijk.
Als eerste kunnen de DNA-profielen van elkaar verschillen en is er geen sprake van een
match. De verdachte is niet de donor van het spoor. Het kan ook zo zijn dat de DNA-profielen
grotendeels overeenkomen en dan kan het zo zijn dat de donor van het spoor een familielid
van de verdachte is. Als de profielen gelijk zijn is er sprake van een match.

Documentinformatie

Geüpload op
22 april 2024
Aantal pagina's
24
Geschreven in
2023/2024
Type
SAMENVATTING
€6,59
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
annemiekvleeuwen25

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
annemiekvleeuwen25 Vrije Universiteit Amsterdam
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
8
Lid sinds
6 jaar
Aantal volgers
0
Documenten
2
Laatst verkocht
1 jaar geleden

0,0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen