1. Inleiding
Management Accounting helpt bedrijven bij het analyseren en beheersen van kosten, budgetten en prestat
2. Planning & Control
Gebruikt de PDCA-cyclus (Plan, Do, Check, Act) om doelen te stellen en prestaties te monitoren.
Soorten budgetten:
- Vast budget: Onveranderd binnen een bepaalde periode.
- Variabel budget: Past zich aan op basis van productievolume.
- Flexibel budget: Wordt bijgesteld afhankelijk van omstandigheden.
- Master budget: Overkoepelend budget van alle deelbudgetten.
3. Kostenanalyse
Vaste en variabele kosten:
- Vaste kosten: Onafhankelijk van productie (huur, afschrijvingen).
- Variabele kosten: Veranderen met de productie (grondstoffen, loon).
Directe en indirecte kosten:
- Directe kosten: Rechtstreeks toewijsbaar aan een product.
- Indirecte kosten: Overheadkosten die verdeeld worden over meerdere producten.
4. Kostprijscalculaties
Integrale kostprijscalculatie (Absorption Costing):
- Alle kosten (vaste en variabele) worden aan de kostprijs toegerekend.
- Geschikt voor lange termijn prijsbepaling.
Variabele kostprijscalculatie (Direct Costing):
- Alleen variabele kosten worden in de kostprijs opgenomen.
- Geschikt voor kortetermijnbeslissingen en incidentele orders.
5. Kostenverbijzondering
Opslagmethoden:
1. Enkelvoudige opslagmethode: Indirecte kosten worden met één opslagpercentage verdeeld.
2. Verfijnde opslagmethode: Indirecte kosten worden verdeeld per kostencomponent.