Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Examen pedagogiek, opleiding Ped medewerker kinderopvang

Beoordeling
5,0
(1)
Verkocht
5
Pagina's
50
Geüpload op
20-07-2025
Geschreven in
2024/2025

Samenvatting van pedagogiek, hier zelf een ruime voldoende voor gehaald. samenvatting is lang maar alles top en overzichtelijk uitgelegd, opgesomd of in tabelletjes gezet alle belangrijke benamingen, leerstromingen en onderwerpen benoemd

Meer zien Lees minder

Voorbeeld van de inhoud

Pedagogiek

Hoofdstuk 1:
Pedagogiek:

Vakgebied Pedagogiek = bestuderen van rol van opvoeders/verzorgers op de ontwikkeling van kinderen 0-
23 jaar.

In pedagogiek gekeken naar interactie tussen kind en omgeving. 2 belangrijke dingen zijn opvoeding en
ontwikkeling in pedagogiek.

Opvoeden = proces waarbij ouder/verzorgers het kind begeleiden in de ontwikkeling totdat het zelfstandig
kan deelnemen in maatschappij. Ontwikkeling = allemaal
veranderingen in menselijk gedrag die samenhang hebben met de leeftijd, ontwikkeling loopt
procesmatig, vaste volgorde en niet omkeerbaar. Ontwikkeling begint eenvoudig, naarmate tijd steeds
complexer.

Pedagogisch curriculum: landelijk kwaliteitskader, staat beschreven hoe de pedagogische doelen in
praktijk gebracht kunnen worden uitgevoerd. Per doel opgebouwd met wetenschappelijke onderbouwing.
Uitgangspunt bevordering welzijn van kinderen en versterken van ontwikkeling. Curriculum opgebouwd
aan de hand van 4 pedagogische basisdoelen:

• Bieden van fysieke en emotionele veiligheid: organisatie moet kinderen emotionele veiligheid
kunnen bieden in een fysiek veilige en gezonde omgeving
• Bevorderen van persoonlijke competentie: kinderen moeten gelegenheid hebben persoonlijke
competenties te ontwikkelen door middel van begeleiding en spelenderwijs uitdagen.
• Bevorderen van sociale competentie: kinderen moeten gelegenheid krijgen sociale competenties
te ontwikkelen. Bropv dienen juiste omgeving te bieden zodat ze spelenderwijs interactie aan
gaan, om zo sociale kennis en vaardigheden aan te leren, ervaren en oefenen.
• Socialisatie door overdracht van normen en waarden: kinderen dienen kans te krijgen om
normen/waarden eigen te maken en particeperen in samenleving.

Deze 4 doelen staan opgenomen in: de wet Innovatie en kwaliteit kinderopvang (Wikk)

Een vakbekwame beroepskracht denkt en handelt vanuit perspectief pedagogisch curriculum aan:

✓ De verwachting dat kinderen kunnen leren en ontwikkelen
✓ Vinden van evenwicht tussen geplande en doelbewuste pedagogische doelen en aansluiten bij
belevingswereld en interesses kinderen.
✓ Creëren leerrijke omgeving dat uitnodigt te spelen, ontwikkelen en te leren
✓ Organiseren waardevolle activiteiten aansluitend op zone naaste ontwikkeling.
✓ Stellen van vragen uitnodigend tot nadenken.
✓ Positieve manier feedback geven aan kinderen.

Een beroepsopvoeder dient volgende te doen om pedagogische doelen te behalen:

o Structuur aanbrengen in de speelleeromgeving
o Verschillende type activiteiten aanbieden in het dagprogramma (stroomlijnen)
o Monitoren ontwikkeling kinderen
o Interactie hebben met de kinderen
o Relatie opbouwen met ouders/verzorgers

,Orthopedagogiek: het vakgebied orthopedagogiek focust zich specifiek op de opvoeding en begeleiding
van kinderen met speciale behoeften of gedragsproblemen. Het vakgebied houdt zich bezig met kinderen
die in hun ontwikkeling belemmeringen ervaren en biedt methoden en strategieën om hen optimaal te
ondersteunen, zodat zij ondanks hun uitdagingen kunnen groeien en zich ontwikkelen.

De aandacht en handelen is vooral gericht op: het individuele kind met een stoornis/beperking en de
psychosociale gevolgen voor het kind en hun context, en de problematische opvoeding als geheel.



Ontwikkelingspsychologie: Ontwikkelingspsychologie bestudeert de psychologische groei en
veranderingen die mensen doormaken in hun leven, vanaf de kindertijd tot aan de volwassenheid. Het
onderzoekt verschillende ontwikkelingsgebieden, zoals de cognitieve, emotionele, sociale en fysieke
ontwikkeling, en probeert te begrijpen hoe en waarom mensen zich op bepaalde manieren ontwikkelen.
Hierin zijn verschillende grondleggers van de ontwikkelingspsychologie:

John Bowlby: gehechtheid – hechtingstheorie:

Theorie van hechting, de in interactie tussen opvoeders en kinderen tot stand komt. Hechting = proces
waarbij kind leert langdurige effectieve relaties aan te gaan

Veilige hechting= bij veilige hechting heeft een kind gevoel dat er op signalen gereageerd wordt, voelt kind
zich veilig/beschermd en ontwikkeld zelfvertrouwen. 3 voorwaarden veilige hechting, opvoeders:

o Zijn sensitief voor behoeftes kin en reageren adequaat hierop
o Continuïteit geven in aanwezigheid
o Zich in te leven in kind

Onveilige hechting = als opvoeder niet adequaat of passend reageert op signalen van kind, kan kind zich
onveilig gaan voelen -> waardoor onveilige hechting ontstaat. Heeft grote invloed ontwikkeling.

Hechtingstheorie van Bowlby: volgens Bowlby zijn kinderen geprogrammeerd om verzorgt te worden. Met
behoefte aan veiligheid en zekerheid.

Vermijdende hechting, ambivalente hechting (veel contact zonder zekerheid) en gedesorganiseerde
hechting (combi vermijdende en ambivalente hechting) zijn vormen van onveilige hechting



Sigmund Freud: psychoanalyse en psychoseksuele ontwikkeling:

Visie dat menselijk gedrag kan worden beschouwd als gevolg onbewuste psychische processen, waarmee
de mens zijn aangeboren driften probeert te reguleren. Kind ervaart conflict tussen eigen
verlangens/impulsen en anderzijds waarden en normen. Hiervoor psychoanalyse: het Id, Superego en
Ego.

Id: Onderbewuste, kind heeft aangeboren driften, impulsen en reflexen, behoefte om te
bevredigen uit zich in gedrag
Superego Beeld wat we van onszelf hebben. Naarmate ouder worden leert het omgaan met
driften/impulsen uit angst omgeving, kind ouder -> ontwikkeld geweten
Ego Juiste wijze omgaan met onbewuste driften (Id) en geweten(superego). Als superego
ontwikkeld is, volgt fase waarbij kind op aanvaardbare manier leert omgaan met
onbewuste driftimpulsen, vermijden schuldgevoel en schaamte voert boventoon


Ook theorie Freud, doorloopt kind verschillende psychoseksuele fasen:

Orale fase Geboorte Tm +-1 à -afhankelijk verzorgers, die behoeftes bevredigen
1,5 jaar -mond, tong en lippen meest gevoelig prikkels, interactie mond

, -ontstaat band tussen kind en moeder, moeder bron veiligheid
-Id grootse invloed, handelingen vanuit lust/drift
Anale fase +-1-3 jaar -kind leert sluitspieren beheersen/ wordt zindelijk
-kind kan koppig worden/ eigen wil
Fallische/ oedipale +- 3-6 jaar -kind ontdekt eigen geslachtsdeel en verschil jongens/meisjes
fase -kind identificeert zich met verzorger eigen geslacht en neemt
normen/waarden over. Kan ouder eigen geslacht als rivaal gaan zien.
Latente fase +-6-11/12 -Superego blijft ontwikkelen, Id wordt onderdrukt
-cognitieve/sociale ontwikkeling staan centraal
-kind ontwikkelt sociale vaardigheden met anderen, en richt hierbij op
leeftijdsgenoten eigen geslacht.
-latente fase belangrijk voor ontwikkeling sociale vaardigheden,
zelfvertrouwen en communicatie.
Genitale fase Vanaf +-11/12 tot -kind maakt zich vrij van ouders
/puberteit volwassen -ontwikkeld seksuele interesse in anderen
-toenemende interesse welzijn anderen
-doel = balans tussen seksualiteit en andere levensgebieden


Erik Erikson; psychoseksuele en sociale ontwikkeling:

Theorie over de interactie tussen kind en sociale omgeving. Omgeving speelt belangrijke rol bij interactie
tussen ouder en kind. Eerste 5 ontwikkelingsfase zijn:

1ste fase: basisvertrouwen Van 0 tot 1,5 Baby krijgt zorg/veiligheid en aanmoediging op onderzoek uit te gaan. Dit basis voor
tegenover wantrouwen zelfvertrouwen. Bij tekort hiervan ontstaat wantrouwen
2de fase: autonomie Van +-1,5-3 Kind leert basis van liefde, haat, samenwerken en koppigheid. Kind wil autonoom
tegenover schaamte en jaar zijn, ontstaat ook twijfel en schaamte. Conflict tussen autonomie van kinderen zijn
twijfel omgeving ook koppigheidsfase genoemd
3de fase: initiatief +- 3-6 jaar Kind wil autonoom worden, toont initiatief. Ontwikkeld schuldgevoel wanneer niet
tegenover schuldgevoel genoeg ruimte krijgt voor initiatieven, hierdoor zichzelf afremmen ontwikkel
4de fase: vlijt tegenover +- 6-11/12 Kind gaat naar school, en ervaart door leren kennis en vaardigheden vergroot.
minderwaardigheid Belangrijk duidelijke balans is in vaardigheden en taken van het kind, als dit niet is,
ontstaat gevaar gevoel van minderwaardigheid/laag zelfbeeld.
5de fase: identiteit +-11/12 -20 Voorgaande jaren veel kennis/ervaring opgedaan, basis hiervan moet kind keuzes
tegenover rolverwarring. jaar maken, die zijn bepalend voor identiteit, als niet lukt kan er rolverwarring ontstaan


Margaret Mahler: separatie – individuatie:

Stelt dat een baby totaal onafhankelijk is van primaire verzorgers, aan eind van separatie-individuatie
maakt kind zich los van ouders en word zelfstandig.

1ste: differentiatie Van 5 -10 maanden Ontstaat persoonsscheiding tussen kind en ouder. Kind begint experimenteren en
moeder van anderen onderscheiden
2de: oefening Van 10-16 maanden Ontwikkeling van hechting van moeder vindt plaats, kind komt los van moeder. Kind
maakt motorische stappen, waardoor verder kan losmaken moeder. Kind ervaart
zichzelf meer als individu. Zelfbewustzijn ontwikkeld
3de: toenadering Van 16-24 maanden Kind wil moeder voor zichzelf houden, word ook bewust van proces langzaam
losmaken moeder, hierdoor machteloos/hulpeloze gevoelens. Spagaat tussen ouder
willen zijn en wereld ontdekken
4de consolidatie Van 24-36 maanden Kind beter in los moeder functioneren, moeder veilige basis. 3de levensjaar separatie
(bestendiging) moeder/vader beter verdragen. Aandacht op buitenwereld en frustraties beter
verdragen. Sprake van objectconstantie, in staat beeld ouder zelfde te houden tijdens
afwezigheid. Fase induviduasatie – separatie voltooid

, Jean Piaget: cognitieve ontwikkeling:

Theorie over cognitief denken, hieronder vallend taal, aandacht, geheugen. Groot verschil tussen
denkproces van 1jarige of adolescente. Piaget stelt dat kinderen geboren worden met aangeboren reflexen
en aangeboren neiging actief om te gaan met wereld = exploreren. Door middel van interactie met
omgeving, gecombineerd met lichamelijke rijping ontstaan uit aangeboren reflexen voortdurend
complexere cognitieve vaardigheden. Piaget gaat ervan uit dat kind kennis opdoet door nieuwe kennis te
verbinden aan bestaande kennis. Volgende uitgangspunten hierbij centraal:

▪ Adaptatie: kind in staat aanpassen omgeving
▪ Organisatie: losse delen informatie en kennis bij elkaar voegen en samenhang brengen
▪ Continuïteit: denkstappen die gemaakt worden, liggen dicht op elkaar

Theorie staan aantal mechanismes centraal die zorge dat kind kennis opdoet, uitgaande ver. structuren:

▪ Assimilatie: nieuwe info omvormen naar bestaande structuur
▪ Accommodatie: kind reageert op nieuwe info door verwerken op bestaande kennis
▪ Equilibratie: zelfregulatie, bereikt wanneer assimilatie en accommodatie in evenwicht zijn. Kind
onderhoud kennis door middel van aanpassen en aanbrengen van kennis.

o 1Ste fase: sensomotorische fase (0-2): sensomotorisch = sensoriek (zintuigen) en motoriek. Kind
ontdekt/leert via zintuigen en bewegen. Kind zet zintuigen in bij leren. Door bewegen ontdekt de
wereld. Kind leert door ervaring/herhaling. Kind leert dat gedrag een bepaald gevolg heeft. Vanaf
18 maanden kind bewust omgeving en gedrag imiteren. Kind ontwikkeld objectconstantie rond 6-
12 maanden, kind heeft besef iets blijft bestaan, zonder dat ze hetzien
o 2de fase: pre operationele fase(2-7): fase van onsystematisch en onlogisch denken. Denken en
handelen staat eigen gezichtspunt centraal, denken egocentrisch. Geen onderscheid fantasie en
werkelijkheid. Ook symbolische representatie. Vanaf 6, concervatieproces ontwikkeld (iets kan
veranderen maar basis blijft hetzelfde )
o 3de fase: concreet-operationele fase(7-11): fase van systematisch en logisch denken, kind leert
hoe handelingen tijdens proces verlopen, dit zijn denkhandelingen. Egocentrische fase voorbij.
Logisch rederneren komt op gang. Niet goed in staat te analyseren.
o 4de fase formeel-operationele fase (vanaf+-11) fase waarbij iemand in staat is om te redeneren
vanuit gedachte. Abstract denken ontwikkelt zich. Concreet denken laat het los. Cognitieve
schema’s kunnen worden aangepast, hierdoor in staat complexe problemen oplossen.


Lawrence Kohlberg: morele ontwikkeling:

Grondlegger stadiumtheorie over morele ontwikkeling, morele ontwikkeling = te maken met
normen/waarden, besef goed/kwaad en handelingen hiernaar.

Preconventioneel moreel besef opgedeeld in: Van 0 tot +-10- Normen, waarden en het morele denken, voelen en
Stadium 1:orientatie op gehoorzaamheid/straf 12 jaar handelen nog leren. 1ste deel fase: kind in deze fase
Stadium 2:orientatie gericht op eigenbelang/ genot. doet/laat iets omdat het beloning oplevert.
2de deel fase: kind doelt wat omdat het hem wat
oplevert, alleen in eigen belang

Conventioneel moreel besef opgedeeld in: Vanaf +- 10-18 Deze fase aanvaart kind normen, waarden en regels,
Stadium 3: goede interpersoonlijke relaties jaar aanvaart en handelt er naar
Stadium 4:handhaving sociale orde 1ste deel fase: jong kind doet iet omdat waardering
oplevert
2de deel fase: kind laat leiden door
keuzes/normen/waarden z’n vrienden, door rolmodel en
erbij horen als motivering

Documentinformatie

Geüpload op
20 juli 2025
Aantal pagina's
50
Geschreven in
2024/2025
Type
SAMENVATTING
€8,49
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF


Ook beschikbaar in voordeelbundel

Thumbnail
Voordeelbundel
bundel ped medewerker Kinderopvang loi
-
4 2 2025
€ 12,99 Meer info

Beoordelingen van geverifieerde kopers

Alle reviews worden weergegeven
7 maanden geleden

5,0

1 beoordelingen

5
1
4
0
3
0
2
0
1
0
Betrouwbare reviews op Stuvia

Alle beoordelingen zijn geschreven door echte Stuvia-gebruikers na geverifieerde aankopen.

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
madeliefstudeert LOI - Leidse Onderwijsinstellingen
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
18
Lid sinds
4 jaar
Aantal volgers
0
Documenten
2
Laatst verkocht
1 maand geleden

4,2

5 beoordelingen

5
2
4
2
3
1
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen