Vraag 1
a) - Benoemingsprocedure → speciale procedure leden HR (art. 118 lid 1 GW) en
andere rechters (art. 117 lid 1 GW).
- Duur van de benoeming → voor het leven ( art. 117 lid 1 GW)
- Ontslag (art. 117 lid 3 GW)
- Rechtspositie (salaris e.d.) → bij wet
b) Als een rechter disfunctioneert is het aan de HR om de rechter te ontslaan. Dit kan
niet gedelegeerd worden (Bij de wet)
c) Een rechter wordt op zeventigjarige leeftijd sowieso ontslagen en dat gebeurt door
een Koninklijk besluit.
d) De HR kan een rechter ontslaan als hij/zij bijvoorbeeld vervolgd wordt wegens een
misdrijf of wanneer een rechter langdurig ziek is.
Vraag 2
a) Art. 118→ De leden worden benoemd uit een voordracht van drie personen,
opgemaakt door de Tweede Kamer, de HR is belast met de cassatie van rechterlijke
uitspraken wegens schending van recht en bij de wet kunnen aan de HR ook andere
taken worden opgedragen.
b) De leden van de HR der Nederlanden worden benoemd uit een voordracht van drie
personen, opgemaakt door de Tweede Kamer der Staten Generaal. (art. 118 lid 1)
Praktijk: HR zelf doet een voordracht met een aantal kandidaten→ gaat naar Tweede Kamer
en die maakt er een selectie van→ wordt doorgestuurd naar de regering.
Vraag 3
a) Monisme: nationale rechtsorde is onderdeel van volkenrechtelijke (internationale)
rechtsorde (een geheel). De volkenrechtelijke norm richt zich rechtstreeks tot de
ambten en/ of de burgers.
Dualisme: nationale rechtsorde en volkenrechtelijke rechtsorde zijn gescheiden.
Volkenrechtelijke normen binden staten. Binding van ambten en onderdanen gebeurt door
transformatie (internationale wet wordt getransformeerd naar de nationale)
Nederland kan getypeerd worden als monistisch.
b) Verbindende kracht→ zulke bepalingen hebben zonder nadere tussenkomst van de
nationale wetgever rechtstreekse werking waar iedereen zich aan moet houden. Een
verdragsbepaling heeft deze verbindende kracht als het een ‘ieder verbindend is’ →
bepaling die zich tot iedereen richt.
c) Internationale regels gaan boven nationale.
Vraag 4
De Europese besluiten gelden rechtstreeks in ons land omdat men er vanuit gaat dat met de
oprichting van de EU nieuwe rechtsordening is geroepen→ alle lidstaten hebben een stuk
van hun soevereiniteit ingeleverd ten gunste van de europese rechtsorde.
Vraag 5
a) De wet van de gezichtsbedekkende kleding, die op 1 augustus 2019, is ingegaan is
een wet in formele zin. De rechter mag deze niet toetsen aan de Grondwet.
b) Ja, want de rechter mag wel de gemeentelijke verordening toetsen aan de Grondwet.
a) - Benoemingsprocedure → speciale procedure leden HR (art. 118 lid 1 GW) en
andere rechters (art. 117 lid 1 GW).
- Duur van de benoeming → voor het leven ( art. 117 lid 1 GW)
- Ontslag (art. 117 lid 3 GW)
- Rechtspositie (salaris e.d.) → bij wet
b) Als een rechter disfunctioneert is het aan de HR om de rechter te ontslaan. Dit kan
niet gedelegeerd worden (Bij de wet)
c) Een rechter wordt op zeventigjarige leeftijd sowieso ontslagen en dat gebeurt door
een Koninklijk besluit.
d) De HR kan een rechter ontslaan als hij/zij bijvoorbeeld vervolgd wordt wegens een
misdrijf of wanneer een rechter langdurig ziek is.
Vraag 2
a) Art. 118→ De leden worden benoemd uit een voordracht van drie personen,
opgemaakt door de Tweede Kamer, de HR is belast met de cassatie van rechterlijke
uitspraken wegens schending van recht en bij de wet kunnen aan de HR ook andere
taken worden opgedragen.
b) De leden van de HR der Nederlanden worden benoemd uit een voordracht van drie
personen, opgemaakt door de Tweede Kamer der Staten Generaal. (art. 118 lid 1)
Praktijk: HR zelf doet een voordracht met een aantal kandidaten→ gaat naar Tweede Kamer
en die maakt er een selectie van→ wordt doorgestuurd naar de regering.
Vraag 3
a) Monisme: nationale rechtsorde is onderdeel van volkenrechtelijke (internationale)
rechtsorde (een geheel). De volkenrechtelijke norm richt zich rechtstreeks tot de
ambten en/ of de burgers.
Dualisme: nationale rechtsorde en volkenrechtelijke rechtsorde zijn gescheiden.
Volkenrechtelijke normen binden staten. Binding van ambten en onderdanen gebeurt door
transformatie (internationale wet wordt getransformeerd naar de nationale)
Nederland kan getypeerd worden als monistisch.
b) Verbindende kracht→ zulke bepalingen hebben zonder nadere tussenkomst van de
nationale wetgever rechtstreekse werking waar iedereen zich aan moet houden. Een
verdragsbepaling heeft deze verbindende kracht als het een ‘ieder verbindend is’ →
bepaling die zich tot iedereen richt.
c) Internationale regels gaan boven nationale.
Vraag 4
De Europese besluiten gelden rechtstreeks in ons land omdat men er vanuit gaat dat met de
oprichting van de EU nieuwe rechtsordening is geroepen→ alle lidstaten hebben een stuk
van hun soevereiniteit ingeleverd ten gunste van de europese rechtsorde.
Vraag 5
a) De wet van de gezichtsbedekkende kleding, die op 1 augustus 2019, is ingegaan is
een wet in formele zin. De rechter mag deze niet toetsen aan de Grondwet.
b) Ja, want de rechter mag wel de gemeentelijke verordening toetsen aan de Grondwet.