Nederlands tentamen 2.3
‘Didactiek (colleges vakkenlijn)’
Algemene taaldidactiek (college 1)
Om tot interactief taalonderwijs te komen kennis we drie pijlers die op samenhangend niveau
voor interactief taalonderwijs zorgen.
Sociaal leren: in groepjes samenwerken
Betekenisvol leren: situaties ontwerpen die voor de leerlingen als betekenisvol
worden ervaren.
Strategisch leren
Het taalonderwijs bestaat uit incidentieel taalonderwijs en uit intentioneel taalonderwijs
- Incidentieel taalonderwijs; toevallige, ongeplande reflectie op het taalgebruik.
Incidentieel taalonderwijs vindt plaats naar aanleiding van taalgebruik dat zich
toevallig voordoet. Ondanks dat het toevallig aanbod komt, kun je als leerkracht de
volgende richtlijnen gebruiken om de verwondering en plezier in taal (metalinguïstisch
bewustzijn) te stimuleren.
o Het beschrijven van het taalverschijnsel
o Het verklaren van het taalverschijnsel
o Het beoordelen of waarderen van de gevonden verklaring
o Het toepassen van de gevonden verklaring in het eigen taalgebruik
- Intentioneel taalonderwijs; gericht en doelgericht onderwijs in reflectie op
taalgebruik, taalvariatie of taalstructuur. Dit onderwijs kan worden ingericht met
behulp van hulpmiddelen en verschillende werkwijzen.
Taal kan tevens als doel worden toegevoegd aan de les maar kan ook als middel worden
gebruikt.
Taalonderwijs
Incidentieel intentioneel
Binnen het taalonderwijs Taal als doel
bestaat er ook het begrip
taalheterogeniteit
Het verschil in
taalniveau, de Taal als middel
verschillen
binnen de taal.
Wanneer je als leerkracht verschillen binnen het taalonderwijs opmerkt kan er differentiatie
worden toegepast, dit kan op een convergente manier en op een divergente manier.
Convergent = gezamenlijke instructie, dit is beter voor taalzwakke kinderen. Er wordt
gestart bij een gezamenlijk punt waarna er verschillende uiteinden aan worden
toegevoegd. ( van klein naar groot )
Divergent = op individueel niveau, starten bij verschillende onderdelen maar
uiteindelijk wordt er gewerkt naar één gezamenlijk einde ( van groot naar klein)
, Een taal heterogene groep bestaat uit een groepje leerlingen die niet over het zelfde niveau
van de taal beschikken, zij kennen een verschillend startniveau.
Beginnende geletterdheid (college 2)
De ontwikkeling naar gevorderde geletterdheid verloopt geleidelijk, een kind verloopt drie
fasen binnen de geletterdheid:
1. Ontluikende geletterdheid: oriënteren binnen de voorschoolse periode (0 tot 4
jaar)
2. Beginnende geletterdheid: begint op de basisschool tot aan midden groep 3,
de kinderen zijn hier bewust bezig met de geletterdheid.
3. Gevorderde geletterdheid: na half groep 3
Deze bovenstaande driedeling kan ook wel een leerstofordening worden genoemd, maar
niet alleen de drie fasen van geletterdheid weergeven de leerstofordening. We kennen
binnen het Nederlandse taalonderwijs ook ‘vve’.
- Vve = voor- en vroegschoolse educatie
o Zorgt dat de onderwijsachterstand wordt vermindert, is dan ook voornamelijk
gericht op kinderen in achterstandsituaties.
o Doorlopend programma van 2 tot en met 6 jarigen.
o Gestructureerde didactische aanpak
o Intensief aanbod
o Deskundige leiding
Het ‘vve’ bestaat uit twee delen
Voorschoolse educatie -- > peuters vanaf 2 tot 3 jaar, binnen
peuterspeelzalen en het kinderdagverblijf.
Vroegschoolse educatie -- > vind plaats op de basisschool, voornamelijk
gericht op kleuters
Uitgangspunten van het ‘vve’ ( voor- en vroegschoolse educatie) zijn,
o Rijke taalomgeving bieden in het Nederlands
o Het uitbreiden van de woordenschat
o Kennismaken met de geschreven taal.
Het vve kent de onderstaande verschillende ontwikkelingsgebieden,
Taalontwikkeling; woordenschat en stimulatie van de beginnende
geletterdheid.
Beginnende rekenvaardigheid; leren tellen, leren meten, oriëntatie op tijd en
ruimte.
Motorische ontwikkeling; fijne en grove motoriek
Sociaal-emotionele ontwikkeling; zelfstandigheid, samenwerken en
zelfvertrouwen.
Het vve is voornamelijk gericht op het jonge kind en de kleuter gericht, we kennen dan ook
enkele criteria voor taalonderwijs gericht op kleuters:
Ontwikkeling van de kinderen wordt als startpunt genomen
Spel is leidend
Betekenisvol
Doelgericht -- > vasthoudend aan de ontwikkeling van het kind
Kindvriendelijkheid en veiligheid in de leeromgeving.
o De geletterdheid wordt toegepast.
‘Didactiek (colleges vakkenlijn)’
Algemene taaldidactiek (college 1)
Om tot interactief taalonderwijs te komen kennis we drie pijlers die op samenhangend niveau
voor interactief taalonderwijs zorgen.
Sociaal leren: in groepjes samenwerken
Betekenisvol leren: situaties ontwerpen die voor de leerlingen als betekenisvol
worden ervaren.
Strategisch leren
Het taalonderwijs bestaat uit incidentieel taalonderwijs en uit intentioneel taalonderwijs
- Incidentieel taalonderwijs; toevallige, ongeplande reflectie op het taalgebruik.
Incidentieel taalonderwijs vindt plaats naar aanleiding van taalgebruik dat zich
toevallig voordoet. Ondanks dat het toevallig aanbod komt, kun je als leerkracht de
volgende richtlijnen gebruiken om de verwondering en plezier in taal (metalinguïstisch
bewustzijn) te stimuleren.
o Het beschrijven van het taalverschijnsel
o Het verklaren van het taalverschijnsel
o Het beoordelen of waarderen van de gevonden verklaring
o Het toepassen van de gevonden verklaring in het eigen taalgebruik
- Intentioneel taalonderwijs; gericht en doelgericht onderwijs in reflectie op
taalgebruik, taalvariatie of taalstructuur. Dit onderwijs kan worden ingericht met
behulp van hulpmiddelen en verschillende werkwijzen.
Taal kan tevens als doel worden toegevoegd aan de les maar kan ook als middel worden
gebruikt.
Taalonderwijs
Incidentieel intentioneel
Binnen het taalonderwijs Taal als doel
bestaat er ook het begrip
taalheterogeniteit
Het verschil in
taalniveau, de Taal als middel
verschillen
binnen de taal.
Wanneer je als leerkracht verschillen binnen het taalonderwijs opmerkt kan er differentiatie
worden toegepast, dit kan op een convergente manier en op een divergente manier.
Convergent = gezamenlijke instructie, dit is beter voor taalzwakke kinderen. Er wordt
gestart bij een gezamenlijk punt waarna er verschillende uiteinden aan worden
toegevoegd. ( van klein naar groot )
Divergent = op individueel niveau, starten bij verschillende onderdelen maar
uiteindelijk wordt er gewerkt naar één gezamenlijk einde ( van groot naar klein)
, Een taal heterogene groep bestaat uit een groepje leerlingen die niet over het zelfde niveau
van de taal beschikken, zij kennen een verschillend startniveau.
Beginnende geletterdheid (college 2)
De ontwikkeling naar gevorderde geletterdheid verloopt geleidelijk, een kind verloopt drie
fasen binnen de geletterdheid:
1. Ontluikende geletterdheid: oriënteren binnen de voorschoolse periode (0 tot 4
jaar)
2. Beginnende geletterdheid: begint op de basisschool tot aan midden groep 3,
de kinderen zijn hier bewust bezig met de geletterdheid.
3. Gevorderde geletterdheid: na half groep 3
Deze bovenstaande driedeling kan ook wel een leerstofordening worden genoemd, maar
niet alleen de drie fasen van geletterdheid weergeven de leerstofordening. We kennen
binnen het Nederlandse taalonderwijs ook ‘vve’.
- Vve = voor- en vroegschoolse educatie
o Zorgt dat de onderwijsachterstand wordt vermindert, is dan ook voornamelijk
gericht op kinderen in achterstandsituaties.
o Doorlopend programma van 2 tot en met 6 jarigen.
o Gestructureerde didactische aanpak
o Intensief aanbod
o Deskundige leiding
Het ‘vve’ bestaat uit twee delen
Voorschoolse educatie -- > peuters vanaf 2 tot 3 jaar, binnen
peuterspeelzalen en het kinderdagverblijf.
Vroegschoolse educatie -- > vind plaats op de basisschool, voornamelijk
gericht op kleuters
Uitgangspunten van het ‘vve’ ( voor- en vroegschoolse educatie) zijn,
o Rijke taalomgeving bieden in het Nederlands
o Het uitbreiden van de woordenschat
o Kennismaken met de geschreven taal.
Het vve kent de onderstaande verschillende ontwikkelingsgebieden,
Taalontwikkeling; woordenschat en stimulatie van de beginnende
geletterdheid.
Beginnende rekenvaardigheid; leren tellen, leren meten, oriëntatie op tijd en
ruimte.
Motorische ontwikkeling; fijne en grove motoriek
Sociaal-emotionele ontwikkeling; zelfstandigheid, samenwerken en
zelfvertrouwen.
Het vve is voornamelijk gericht op het jonge kind en de kleuter gericht, we kennen dan ook
enkele criteria voor taalonderwijs gericht op kleuters:
Ontwikkeling van de kinderen wordt als startpunt genomen
Spel is leidend
Betekenisvol
Doelgericht -- > vasthoudend aan de ontwikkeling van het kind
Kindvriendelijkheid en veiligheid in de leeromgeving.
o De geletterdheid wordt toegepast.