Hoorcollege 1: kindermishandeling en seksueel misbruik.
Kindermishandeling= elke vorm van fysieke, psychische of seksuele
schade of dreiging daarvan bij een minderjarige, veroorzaakt door iemand
van wie het kind afhankelijk is.
Een pedagogische tik is verboden, een pedagogische tik= geestelijke of
lichamelijke geweld of enige andere vernederende behandeling.
In Nederland zijn tussen de 90.000 en 127.00 kinderen en jongeren
blootgesteld aan een vorm van kindermishandeling, dit is 3% van alle
kinderen in Nederland.
5 vormen van kindermishandeling:
- Fysieke mishandeling= zoals slaan en schoppen.
- Fysieke verwaarlozing= de dingen die je als ouder hoort te doen,
doe je niet. Zoals eten geven of voor het kind zorgen.
- Psychische emotionele mishandeling= kind vernederen,
beledigen of afwijzen.
- Psychische emotionele verwaarlozing= je hoort een kind liefde
en aandacht te geven, hierbij gebeurt dat niet.
- Seksueel misbruik= elke vorm van seksuele handelingen met
minderjarige.
Risico factoren die de kans op mishandeling vergroten zijn: verslaving,
psychische problemen en financiële armoede.
Signalen van kindermishandeling zijn:
- Emotionele/ psychische signalen zoals depressie, teruggetrokken
gedrag en angst.
- Fysieke signalen zoals blauwe plekken, breuken, sneetjes,
wankelend lopen. Dit zijn signalen die kunnen wijzen op
mishandeling maar dit staat uiteraard niet vast!
Gevolgen van kindermishandeling zijn:
- Directe gevolgen= korte termijn gevolgen zoals angst, blauwe
plekken en terugtrekken. (Letsel, angst & gedrag).
- Ontwikkeling onder druk=lange termijn gevolgen: moeite met
vertrouwen, leerachterstand, concentratieproblemen. (Hechting,
brein & leren).
, - Lange termijn littekens= depressie, moeite met relaties, hogere
kans op verslaving of chronische ziektes. (Psychisch, sociaal &
gezondheid).
Als je als pedagoog vermoedens hebt van kindermishandeling moet je de
meldcode gebruiken. Deze heeft 5 stappen:
- Stap 0= denk na of er sprake kan zijn van mishandeling, vaak is dit
een onderbuikgevoel.
- Stap 1= het in kaart brengen van opvallende signalen (risico
taxatie).
- Stap 2= collegiale consultatie, je gaat overleggen en samenwerken.
- Stap 3= een gesprek voeren met de cliënt, meestal de ouder maar
afhankelijk van de leeftijd met het kind zelf erbij. Misschien is het
een misverstand en heeft de ouder een verklaring zoals overlijden
van familie etc.
- Stap 4= wegen van het geweld of de mishandeling, hoe erg is de
situatie?
- Stap 5= beslissen of er hulp nodig is (kan je dit zelf bieden?) of moet
je het melden, mocht je hier niet uit komen kun je bellen met veilig
thuis.
Inzetten van interventies bij kindermishandeling en seksueel
misbruik:
- Preventie bij risico factoren= er is nog geen sprake van
kindermishandeling maar de kans is groot dat het kan gaan
gebeuren, je wil helpen door een steuntje in de rug te geven voor de
echt escaleert. (Hulp bij vinden van een goede huisvesting, en
getrainde vrijwilligers die thuis ondersteuning bieden. Organisaties
zijn home-start en schuldhulpverlening).
- Interventie: het bevorderen van veiligheid= je weet bijna zeker
dat er al sprake is van mishandeling of misbruik, het doel is het
stoppen hiervan en de veiligheid voor het kind terug te brengen.
(Cursus voor ouders, opvoedvaardigheden leren, ondersteuning
thuis).
o Een veel gebruikt programma is signs of safety=
oplossingsgericht, je zoekt sterke kanten en uitzonderingen
wanneer het wel goed ging. Hierna maak je samen met gezin
een veiligheidsplan. Ze maken ook gebruik van tools. Dit is
, het drie huizen methodiek, een kind vult in (rood) wat gaat
niet goed, (geel) wat gaat wel goed, (blauw) waar droom ik
van en hoe wil ik het.
- Interventie: herstel na het trauma= het heeft al plaats
gevonden en daardoor gaat het niet goed met een persoon, dit type
interventie is bedoeld om met dit gevoel te dealen en te zorgen dat
mishandelde kinderen het een plekje kunnen geven (in de meeste
gevallen voor het kind, maar soms ook voor ouders met
schuldgevoelens). (Cognitieve gedragstherapie= Therapie gericht op
verandering van negatieve gedachte en gedrag & trauma verwerken
door herinneringen op te halen, en hierbij te kijken naar
oogbeweging, dit heet EMDR: eye movement desensitization and
reprocessing.)
Seksueel misbruik
Seksueel misbruik= een seksuele aanraking of handeling waarbij
betrokkenen een ongelijkwaardige relatie hebben, de pleger heeft een
machtspositie. Er hoeft geen aanraking te zijn, kan ook online zijn.
Om seksueel misbruik te behandelen gebruiken ze het vlaggensysteem=
dit systeem is bedoeld voor kinderen en het doel is om gezond gedrag te
bevorderen, het draagt bij aan het voorkomen en terugdringen van
seksueel grensoverschrijdend gedrag onder kinderen en jongeren.
Vlaggen systeem:
De kern van het vlaggen systeem:
- Toestemming= is er wederzijdse toestemming en willen we dit
allebei.
- Gelijkwaardigheid= beide partijen hebben evenveel te zeggen.
- Context= is omgeving passend.
- Vrijwilligheid= is er sprake van dwang of druk
- Leeftijd en ontwikkeling= is het passend bij leeftijd of zijn beide
te jong.
- Impact= je doet jezelf of andere pijn of verdriet.
, De vlaggen:
- Groen= gezond seksueel gedrag, het past bij alle betrokkenen en is
oke!
- Geel= licht grensoverschrijdend gedrag, over de grens en niet
helemaal oke, maar volgende keer beter opletten.
- Rood= ernstig grensoverschrijdend gedrag= flink over de grens, nu
stoppen!
- Zwart= zwaar overschrijdend gedrag, iemand wordt pijn gedaan en
het kan echt niet.
Hoorcollege 2, Stress en trauma
Positieve stress= kortdurende verhoging van de hartslag, lichte
toename van stresshormonen.
Verdraagbare stress= forse, tijdelijke stressreactie, gebufferd door
ondersteunende relaties.
Toxische stress= aanhoudende activering van stress systemen in
afwezigheid van de beschermende relaties.
Window of tollerance= binnen de window kun je stress aan, zonder
afgestoten of overspoeld te raken. Je voelt spanning en emotie maar blijft
goed functioneren. Buiten de window:
- Hypo arousal= je systeem staat te laag (onder de window), leeg
voelen, verdoofd zijn, vermoeidheid, dissociatie, etc.
- Hyper arousal= systeem staat te hoog (boven de window), angst,
paniek, boosheid, hartklopping , etc.
Trauma:
Een normale reactie op een ingrijpende gebeurtenis is vechten vluchten
bevriezen en pleasen. Na het mee maken van een ingrijpende gebeurtenis
kan je een sterk gevoel van dreiging voelen, overweldigende emoties
hebben en fysieke effecten hebben. dit kan leiden tot een trauma.
Trauma gerelateerde problemen= problemen die voortkomen uit
onverwerkte ingrijpende gebeurtenissen, waarbij de reacties langer dan
een maand duren of zeer intens zijn.