H6 oefentoets 2
1
Groepen zijn er in verschillende soorten. Een groep waarmee een individu zich sterk persoonlijk
verbonden voelt, is een:
A. formele groep
B. primaire groep
C. informele groep
D. secundaire groep
2
Stelling:
Een referentiegroep bestaat uit minstens tien personen die dezelfde normen en waarden hanteren.
A. Juist
B. Onjuist
3
In de Aldi en de Wibra wordt vaak gewinkeld door mensen die het niet zo breed hebben. Deze
winkels worden vaak geassocieerd met lagere welstandsklassen. Jeannette woont vlak bij een
Aldi, maar ze gaat er toch liever niet winkelen. Zij wil namelijk liever niet vergeleken worden met de
typische Aldi-klant. Welk type referentiegroep vormen voor Jeannette de mensen die bij Aldi
winkelen?
A. dissociatieve groep
B. associatieve groep
C. aspiratiegroep
D. normatieve referentiegroep
4
James heeft een nieuwe Mercedes SLR McLaren gekocht. Dat is weer eens iets anders dan een
gewone C-klasse; in stilte hoopt hij dat zijn vrienden erg onder de indruk zullen zijn. Waarvan is
hier sprake?
A. snobeffect
B. bandwagoneffect
C. Veblen-effect
D. associatie-effect
5
Informationele invloed wordt veelal uitgeoefend via:
A. overreding
B. modeling
C. dwang
D. sociale vergelijking
6
De invloed die door middel van beloning of straf kan worden uitgeoefend, is afhankelijk van een
aantal kenmerken. Welk van de onderstaande kenmerken hoort daar niet bij?
A. de waargenomen macht van de groep
B. de waarneembaarheid van het betreffende gedrag
C. de omvang van de groep
D. de mate van belangrijkheid van de groep
1
Groepen zijn er in verschillende soorten. Een groep waarmee een individu zich sterk persoonlijk
verbonden voelt, is een:
A. formele groep
B. primaire groep
C. informele groep
D. secundaire groep
2
Stelling:
Een referentiegroep bestaat uit minstens tien personen die dezelfde normen en waarden hanteren.
A. Juist
B. Onjuist
3
In de Aldi en de Wibra wordt vaak gewinkeld door mensen die het niet zo breed hebben. Deze
winkels worden vaak geassocieerd met lagere welstandsklassen. Jeannette woont vlak bij een
Aldi, maar ze gaat er toch liever niet winkelen. Zij wil namelijk liever niet vergeleken worden met de
typische Aldi-klant. Welk type referentiegroep vormen voor Jeannette de mensen die bij Aldi
winkelen?
A. dissociatieve groep
B. associatieve groep
C. aspiratiegroep
D. normatieve referentiegroep
4
James heeft een nieuwe Mercedes SLR McLaren gekocht. Dat is weer eens iets anders dan een
gewone C-klasse; in stilte hoopt hij dat zijn vrienden erg onder de indruk zullen zijn. Waarvan is
hier sprake?
A. snobeffect
B. bandwagoneffect
C. Veblen-effect
D. associatie-effect
5
Informationele invloed wordt veelal uitgeoefend via:
A. overreding
B. modeling
C. dwang
D. sociale vergelijking
6
De invloed die door middel van beloning of straf kan worden uitgeoefend, is afhankelijk van een
aantal kenmerken. Welk van de onderstaande kenmerken hoort daar niet bij?
A. de waargenomen macht van de groep
B. de waarneembaarheid van het betreffende gedrag
C. de omvang van de groep
D. de mate van belangrijkheid van de groep